Geriatrie

Voeding en cognitieve veroudering

Geen verband tussen ultrabewerkte voeding en cognitie

Een hogere inname van ultrabewerkte voeding gaat bij Nederlandse 55-plussers niet samen met slechtere cognitieve prestaties of een snellere cognitieve achteruitgang. Dat blijkt uit een longitudinale analyse van de LASA-cohortstudie, die tegelijk onderstreept dat algemene voedingskwaliteit klinisch relevant blijft.

Filip Ceulemans - 30 maart 2026

Filip Ceulemans

Ultrabewerkte voeding staat steeds vaker in de belangstelling als mogelijke risicofactor voor chronische aandoeningen, ook voor cognitieve achteruitgang en dementie. Nederlandse onderzoekers plaatsen nu echter een duidelijke kanttekening bij die hypothese. In een analyse van 1.371 deelnemers aan de Longitudinal Aging Study Amsterdam (LASA) vonden zij geen verband tussen de totale inname van ultrabewerkte voeding en cognitief functioneren, noch met de snelheid van cognitieve achteruitgang over ongeveer tien jaar.

De onderzoekers gebruikten voedingsgegevens uit 2014/2015, verzameld met behulp van een gevalideerde voedingsfrequentie-vragenlijst, en koppelden die aan cognitieve metingen uit 2011/2012 of 2012/2013 en drie vervolgbevragingen tot 2021/2022. De mate van ultrabewerking werd bepaald volgens de NOVA-classificatie. Gemiddeld bestond 20,1% van de dagelijkse voedselinname, uitgedrukt in gram per dag, uit ultrabewerkte producten.

Sensitiviteitsanalyse

Cognitie werd breed in kaart gebracht. Naast globale cognitie met de Mini-Mental State Examination (MMSE) onderzochten de auteurs ook verwerkingssnelheid, episodisch geheugen en executieve functies met onder meer de Coding Task, de 15-Word Test, digit span en verbale vloeiendheid. In de statistische modellen werd gecorrigeerd voor een uitgebreide reeks mogelijke confounders, waaronder leeftijd, geslacht, opleidingsniveau, partnerstatus, energie-inname, BMI, fysieke activiteit, alcoholgebruik, rookstatus, depressieve symptomen, chronische aandoeningen en algemene voedingskwaliteit.

Over alle kwartielen van ultrabewerkte voedselinname heen bleven de resultaten negatief: er waren geen significante associaties met het niveau van cognitief functioneren en evenmin met de cognitieve achteruitgang bij het ouder worden. Dat gold voor alle onderzochte domeinen. Een sensitiviteitsanalyse waarbij brood uit de berekening van ultrabewerkte voeding werd weggelaten, wijzigde het algemene beeld niet. Alleen voor digit span verscheen in één kwartiel een klein significant effect, dat de auteurs als een geïsoleerde bevinding beschouwen.

Algemene voedingskwaliteit

Voor artsen is vooral de interpretatie van belang. Deze studie ondersteunt niet dat de totale hoeveelheid ultrabewerkte voeding op zichzelf een onafhankelijke determinant is van cognitieve veroudering bij oudere volwassenen. De auteurs suggereren dat de algemene voedingskwaliteit mogelijk belangrijker is dan de verwerkingsgraad van voeding op zich. Dat sluit aan bij eerdere literatuur waarin mediterrane of andere kwalitatief gunstige voedingspatronen consistenter met een betere cognitieve uitkomst in verband worden gebracht.

Dat betekent niet dat ultrabewerkte voeding plots onschuldig is. De literatuur koppelt een hoge inname ervan nog steeds aan diverse ongunstige cardiometabole en andere gezondheidsuitkomsten. Voor de praktijk blijft dus een genuanceerde boodschap overeind: wie cognitieve achteruitgang wil helpen voorkomen, doet er waarschijnlijk meer voordeel mee in te zetten op het totale leefstijlprofiel dan op de verwerkingsgraad van voeding alleen. Denk aan een kwalitatief gezond voedingspatroon, cardiovasculaire risicoreductie, voldoende beweging en aandacht voor andere modificeerbare risicofactoren voor dementie.

De studie heeft wel beperkingen. Het betreft observationeel onderzoek, waardoor causaliteit niet kan worden aangetoond. Bovendien werd de voeding slechts één keer gemeten en via zelfrapportage in kaart gebracht, wat recallbias en misclassificatie kan veroorzaken. Daar staat tegenover dat de studie steunt op een representatieve Nederlandse cohortpopulatie, een lange follow-up en een brede cognitieve testbatterij. Voorlopig lijkt de boodschap dus vooral deze: bij 55-plussers is niet aangetoond dat meer ultrabewerkte voeding automatisch gelijkstaat aan snellere cognitieve achteruitgang.

Wat heb je nodig

Krijg GRATIS toegang tot het artikel
of
Proef ons gratis!Word één maand gratis premium lid en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • digitale toegang tot de gedrukte magazines
  • digitale toegang tot Artsenkrant, De Apotheker en AK Hospitals
  • gevarieerd nieuwsaanbod met actualiteit, opinie, analyse, medisch nieuws & praktijk
  • dagelijkse newsletter met nieuws uit de medische sector
Heeft u al een abonnement? 
Print Magazine

Recente Editie
31 maart 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine