Vlaams Afstammingscentrum krijgt driejaarlijkse evaluatie
Het Vlaams Centrum voor Adoptie zal voortaan elke drie jaar de werking van het Afstammingscentrum evalueren. De eerste evaluatie zal plaatsvinden in 2028.
Herman Nys, em. prof. medisch recht KU Leuven
Het Staatsblad van 9 maart maakt het besluit van 30 januari 2026 van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 mei 2020 tot uitvoering van het decreet van 26 april 2019 houdende de oprichting van een afstammingscentrum en een DNA-databank, wat betreft de basissubsidie, bekend.
Artikel 3 voegt een nieuw artikel 30/1 toe in het BVR van 8 mei 2020 dat luidt als volgt: ‘Het Vlaams Centrum voor Adoptie voert een driejaarlijkse evaluatie uit van de inzet van de middelen door het Afstammingscentrum. De eerste evaluatie zal plaatsvinden in 2028, met het oog op mogelijke bijsturingen en besluitvorming in 2029 wat betreft de hoogte van de subsidie’.
Het Afstammingscentrum
Het Afstammingscentrum is een onafhankelijk centrum waarbij iedereen met vragen over zijn of haar afstamming, terechtkan. Het centrum heeft een geïntegreerde werking, waarbij het onderzoek koppelt aan informatie, begeleiding en sensibilisering (artikel 3 decreet van 26 april 2019).
Het heeft drie opdrachten:
- een informatieopdracht: het afstammingscentrum treedt op als aanspreek- en oriëntatiepunt voor wie vragen heeft over zijn afstamming. Het behandelt zowel louter informatieve vragen als meer specifieke, individuele vragen. Zo nodig verwijst het afstammingscentrum door naar andere gespecialiseerde diensten of gepaste hulpverlening;
- een opdracht met betrekking tot begeleiding bij zoek- en afstammingsvragen; en
- een opdracht als expertisecentrum voor alle afstammingsgerelateerde aangelegenheden waartoe het samenwerkt met het door de Vlaamse overheid vergunde centrum voor menselijke erfelijkheid (artikel 4 van het decreet).
Jaarlijkse subsidie
Het Afstammingscentrum ontvangt jaarlijks een subsidie voor de personeels- en werkingskosten van de Vlaamse overheid. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de subsidie, met inbegrip van het subsidiebedrag en de wijze waarop het toezicht en de handhaving op de besteding van de subsidie wordt uitgevoerd (artikel 8 van het decreet).
Dat is gebeurd in artikel 30 van het BVR 8 mei 2020 tot uitvoering van het decreet van 26 april 2019. Artikel 2 van het BVR van 30 januari 2026 bepaalt het bedrag van de subsidie voor 2026 op 725.000 euro.