Farmacologie

OZ: Chronisch gebruik van opioïden blijft hoog

Palliatieve zorg en kankerbehandelingen niet meegerekend, blijft het aantal chronische gebruikers van door een arts voorgeschreven opioïden in België hoog, ondanks een daling tussen 2018 en 2023. De OZ doen aanbevelingen om dit aantal terug te dringen.

médecin généralisteIn een studie over de periode 2018-2023 tellen de Onafhankelijke Ziekenfondsen (met Helan in Vlaanderen) precies 27.264 “chronische opioïdengebruikers” bij hun 2,3 miljoen leden in 2023. Geëxtrapoleerd naar de totale Belgische bevolking zou dat neerkomen op ongeveer 135.000 mensen. Een niveau dat nog steeds als te hoog wordt beschouwd.

“Chronische gebruikers” worden gedefinieerd als volwassenen ouder dan 17 jaar, zonder kanker en buiten palliatieve zorg, die gedurende ten minste drie maanden per jaar opioïden op medisch voorschrift hebben gebruikt – wat illegaal of recreatief gebruik uitsluit. Aan de hand van de terugbetalingsgegevens kunnen geen precieze diagnoses worden gesteld.

Een onverklaarde daling

In 2014-2016 is het gebruik van opioïden in de meeste ontwikkelde landen sterk gestegen. In België bleek uit een rapport van het RIZIV dat in 2017 werd gepubliceerd dat het aantal gebruikers tussen 2006 en 2017 met bijna 90 % was gestegen. In een rapport van de OESO (2019) stond België zelfs op de derde plaats in Europa, na Duitsland en Oostenrijk, voor het dagelijkse gebruik van opioïden per miljoen inwoners.

Er is echter ook goed nieuws: volgens de OZ-studie die donderdag werd gepubliceerd, is de prevalentie van chronische gebruikers tussen 2018 en 2023 met 15 % gedaald. De afleveringen zijn met 16 % gedaald en het totale aantal doses (DDD) met 32 %.

De auteurs kunnen deze daling niet formeel verklaren, maar schrijven deze mogelijk toe aan een groter bewustzijn na het alarmerende rapport van het RIZIV, aan officiële aanbevelingen, aan sensibiliseringsacties, aan publicaties van het BCFI (Belgisch Centrum voor Farmacotherapeutische Informatie) en aan de ontwikkeling van e-learnings.

Een risico dat met de leeftijd explosief toeneemt

De prevalentie neemt sterk toe met de leeftijd: van 5,37% bij 25-39-jarigen tot 19,52% bij 80-plussers in 2023. Vrouwen worden twee keer zo vaak getroffen als mannen (2,2% tegenover 1,13%). Het risico is ook hoger in Vlaanderen en Wallonië dan in Brussel, evenals bij arbeidsongeschikten, gepensioneerden en kwetsbare groepen (laag inkomen, hoge deprivatie-index).

De daling van de prevalentie is relatief homogeen, maar meer uitgesproken bij jongeren (-22 % bij 25-39-jarigen) en in Brussel (-20 %) dan in Vlaanderen (-10 %) en Wallonië (-16 %). Ze is beperkter (-9 %) bij 40-64-jarigen en bij bevoorrechte bevolkingsgroepen.

Ongeveer 45 % van de chronische gebruikers in 2023 was dat ook al in 2018, en 95 % van hen heeft tussen 2018 en 2023 elk jaar zonder onderbreking opioïden gebruikt.

"We pleiten voor een multimodale en multidisciplinaire aanpak van chronische pijn, met ruimte voor niet-medicamenteuze benaderingen en met aandacht voor de context van de patiënt."

In 2023 waren acht op de tien voorschriften afkomstig van huisartsen. Meer dan één op de twee chronische gebruikers had in de 24 maanden voorafgaand aan het eerste voorschrift van een huisarts nog nooit een specialist geraadpleegd. De andere voorschrijvers blijven marginaal (anesthesie-reanimatie, interne geneeskunde, orthopedie, fysische geneeskunde en revalidatie, psychiatrie, reumatologie en neurologie).

Tramadol domineert ruimschoots (51,9 %), gevolgd door tramadol-paracetamol (29,3 %), oxycodon (12,3 %) en fentanyl (3,6 %). Het aandeel van tramadol neemt toe, niet omdat het gebruik ervan stijgt, maar omdat het minder snel daalt dan dat van andere opioïden.

Gezien deze vaststelling vragen de Onafhankelijke Ziekenfondsen een nationaal actieplan dat gericht is op een rationeler gebruik van opioïden, zowel wat betreft de hoeveelheid, de duur als de voorschrijfvoorwaarden. “We pleiten voor een multimodale en multidisciplinaire aanpak van chronische pijn, met ruimte voor niet-medicamenteuze benaderingen en met aandacht voor de context van de patiënt”, benadrukt Claire Huygebaert, medeauteur van de studie.

Met een achtergrond als apotheker benadrukt ze de nodzaak van duidelijk behandelplan dat de duur, de individuele therapeutische doelstellingen, de verwachtingen en de behandelingsstrategie vastlegt, in overleg met de patiënt. Een versterking van de opleiding van eerstelijnszorgverleners wordt eveneens als onmisbaar beschouwd. Waar nodig moeten patiënten doorverwezen worden naar een specialist of een pijncentrum. 

Wat heb je nodig

Krijg GRATIS toegang tot het artikel
of
Proef ons gratis!Word één maand gratis premium lid en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • checkdigitale toegang tot de gedrukte magazines
  • checkdigitale toegang tot Artsenkrant, De Apotheker en AK Hospitals
  • checkgevarieerd nieuwsaanbod met actualiteit, opinie, analyse, medisch nieuws & praktijk
  • checkdagelijkse newsletter met nieuws uit de medische sector
Heeft u al een abonnement? 
Geschreven door Nicolas de Pape12 februari 2026

Meer weten over

Print Magazine

Recente Editie
31 januari 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine