"Aandacht voor nabijheid en territoriale en taalkundige realiteiten"
Vandenbroucke: nog niets beslist over ziekenhuislandschap
In de Kamercommissie Gezondheid kreeg minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke verschillende vragen over het expertenrapport over het toekomstig ziekenhuislandschap. Volgens Vandenbroucke is het "absoluut voorbarig" om nu al te speculeren over welk ziekenhuis eventueel zal moeten converteren naar daghospitaal.
Pro memorie: het expertenrapport stelt voor om op een termijn van tien jaar te evolueren naar vier types ziekenhuizen. Een Regionaal Algemeen Ziekenhuis (RAZ) beschikt over minstens 240 bedden, waarvan minstens 150 verantwoorde acute bedden. Een materniteit in een RAZ moet minstens 600 bevallingen per jaar doen. Kleinere campussen zouden moeten evolueren naar een Lokaal Medisch Centrum (LMC) voor dagopname en planbare, ambulante specialistische zorg. Daarnaast zijn er nog het Universitair Ziekenhuis (UZ), en het Ziekenhuis voor Intermediaire Zorg (ZIZ).
Onrust op het terrein
Volgens Irina De Knop (Anders) zorgt dat voor onrust en onduidelijkheid op het terrein, niet het minst omdat dat ook gevolgen heeft voor de infrastructuursubsidies voor nieuwbouw, subsidies die worden verleend door de gemeenschappen. "Zo zou bijvoorbeeld in mijn provincie het AZ Diest volgens de normen van die experts moeten worden omgevormd tot een dagziekenhuis, terwijl het net een nieuwbouw met een beddenhuis heeft gerealiseerd."
Natalie Eggermont (PVDA) hield een pleidooi voor kleine ziekenhuizen. "De materniteit in Menen is een heel bekende, waar heel veel mensen naartoe komen om te bevallen. Ik ben daar zelf ook bevallen van mijn twee kindjes. Dat is een kleine materniteit met heel veel menselijkheid en warmte." Ze wees ook op gevolgen voor personeel en patiënten.
Luc Frank (Les Engagés) nam het woord in het Duits - een zeldzaamheid in de Commissie Gezondheid - om aandacht te vragen voor de noden van de Duitstalige gemeenschap. Hij vroeg of Duitstalige patiënten in de toekomst nog in hun eigen taal geholpen zullen worden, en of er (met Duitsland) afspraken gemaakt worden over transnationale dringende zorg.
"Nog geen beslissing"
Volgens Vandenbroucke is er nog geen enkele beslissing genomen. Tegen eind april worden adviezen ten behoeve van de conferentie van ministers van Volksgezondheid verwacht. Dan pas begint de politieke beraadslaging, "in de hoop dat we tegen midden 2026 grote beleidslijnen hebben, die we kunnen voorleggen aan de respectievelijke regeringen."
Hij noemde het dan ook "absoluut voorbarig" om nu voort te gaan op genoemde cijfers, of om te zeggen welk ziekenhuis eventueel zal moeten converteren naar dagactiviteit.
In antwoord op Luc Frank wees Vandenbroucke erop dat er bij de hervorming ook aandacht zal zijn voor nabijheid, en voor territoriale en taalkundige realiteiten. "Ik begrijp uw zorgen en die van uw gemeenschap volledig. Het feit dat dit zo expliciet in het oorspronkelijke besluit wordt genoemd, is veelbetekenend."
Een werkgroep met het RIZIV, verzekeringsinstellingen ziekenhuizen, en de Duitstalige Gemeenschap bekijkt een mogelijke herziening van de huidige Ostbelgien-Regelung, die bepaalt onder welke voorwaarden inwoners van de Oostkantons in Duitsland medische verzorging terugbetaald krijgen.