Dalende vruchtbaarheid, stijgende leeftijd van moeders
Eén op de vijf geboorten via keizersnede
In België wordt meer dan één op de vijf kinderen geboren via een keizersnede. Dat blijkt uit cijfers van Statbel voor 2023 die vandaag bekendgemaakt zijn. De data leggen regionale verschillen bloot, evenals een verder dalende vruchtbaarheid en een blijvend stijgende leeftijd van moeders.
In 2023 kwam in België 22,2% van de baby's via een keizersnede ter wereld, een percentage dat identiek is aan dat van 2022. Daarmee blijft het aandeel keizersneden hoog en stabiel, na een lichte stijging in de voorgaande jaren. In 2012 lag dit aandeel nog op 20,5%, waarna het enkele jaren stabiliseerde rond 21% en sinds 2020 opnieuw een opwaartse trend vertoont.

Wanneer ook andere geassisteerde bevallingen (vacuümextractie, forceps) worden meegerekend blijkt dat 31,1% van alle geboorten in België op een niet honderd procent natuurlijke manier verloopt. Regionaal zijn er duidelijke verschillen: Vlaanderen telt het hoogste aandeel (32,1%), gevolgd door Brussel (30,8%) en Wallonië (29,4%).
"De redenen om te kiezen voor een keizersnede kunnen erg uiteenlopend zijn", zegt dr. Isabelle Dehaene, woordvoerder van de Vlaamse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie. "De ouders moeten altijd akkoord gaan met een keizersnede of kunnen aangeven dat ze liever geen vaginale bevalling hebben. Maar een vaginale bevalling krijgt altijd de voorkeur."
Geboortegewicht
Het gemiddelde geboortegewicht van baby’s in België bedroeg in 2023 3,299 kg. Baby’s geboren in Vlaanderen wegen gemiddeld iets meer dan in de andere gewesten: 1,8% meer dan in Wallonië en 0,4% meer dan in Brussel. Opvallend is wel dat het verschil tussen Vlaanderen en Wallonië kleiner wordt. In Wallonië steeg het gemiddelde geboortegewicht de voorbije tien jaar met 42 gram, terwijl het in Vlaanderen relatief stabiel bleef rond 3,320 kg.

Wat de gezinscontext betreft, worden de meeste kinderen nog steeds geboren binnen een koppel: 82,4% van de moeders krijgt een kind samen met een partner. Toch gebeurt dat steeds vaker buiten het huwelijk. In 2023 vond slechts 45,6% van de geboorten plaats binnen een getrouwd koppel. Tien jaar geleden was dat nog 53,5%. Sinds 2015 zijn geboorten buiten het huwelijk zelfs in de meerderheid, een trend die zich ook in andere Europese landen aftekent.
Dalende vruchtbaarheid
Naast de bevallingswijze valt vooral de blijvend dalende vruchtbaarheid op. Het totale vruchtbaarheidscijfer daalde van 1,53 kinderen per vrouw in 2022 naar 1,47 in 2023. Daarmee blijft België ruim onder het vervangingsniveau. Regionaal scoort het Brussels Hoofdstedelijk Gewest het laagst met 1,36 kinderen per vrouw, terwijl Vlaanderen (1,48) en Wallonië (1,50) dicht bij het nationale gemiddelde liggen. Er is ook een uitgesproken verschil naar nationaliteit: Belgische vrouwen hebben een vruchtbaarheidscijfer van 1,37, tegenover 1,91 bij vrouwen met een buitenlandse nationaliteit.
De gemiddelde leeftijd van de moeder bij de geboorte blijft licht stijgen en bedraagt in 2023 31,3 jaar, tegenover 31,2 jaar het jaar voordien. Die evolutie heeft implicaties voor zowel vruchtbaarheid als zwangerschapsrisico’s en draagt mogelijk bij aan het relatief hoge aandeel geassisteerde bevallingen.