Van een klinische studie naar de praktijk: gelden die resultaten ook voor mijn patiënten?

Vaak wordt terecht beweerd dat de resultaten van een klinische studie gelden voor patiënten van hetzelfde type als degenen die in de studie zijn opgenomen, en dus niet per se kunnen worden doorgetrokken naar andere patiënten.
Tegen die achtergrond hebben vorsers onderzocht of de resultaten van de EAST-AFNET 4-studie (Early Treatment of Atrial Fibrillation for Stroke Prevention Trial, https://www.nejm.org/doi/10.1056/NEJMoa2019422) ook worden behaald bij patiënten die een lager risico op cardiovasculaire accidenten lopen.
De EAST-AFNET 4-studie heeft aangetoond dat het risico op cardiovasculaire accidenten bij patiënten met een recentelijk (hoogstens 1 jaar) gediagnosticeerde atriumfibrillatie met een CHA2DS2-VASc-score ≥ 2 lager was na een snel herstel van het sinusritme (met anti-aritmica of ablatie) dan met controle van het kamerantwoord.
Voor deze studie hebben de vorsers de dossiers doorgenomen van 54.216 patiënten in de nationale gezondheidsgegevensbank van Zuid-Korea. De primaire uitkomstmaat was een samengesteld eindpunt van cardiovasculaire sterfte, myocardinfarct, ischemisch CVA en ziekenhuisopname wegens hartfalen.
De patiënten werden in twee groepen ingedeeld:
- Een groep van 37.557 patiënten (69,3%) met eenzelfde CHA2DS2-VASc-score (≥ 2, mediaan 4 en mediane leeftijd 70 jaar) als de patiënten in de studie. In die groep correleerde een vroeg herstel van het sinusritme in een daling van de incidentie van cardiovasculaire accidenten met 14% (HR 0,86; 95% BI: 0,81-0,92).
- Een groep van 16.659 patiënten (30,7%) met een lager risico dan de patiënten in de studie (CHA2DS2-VASc-score < 2, mediaan 1 en mediane leeftijd 54 jaar). In die groep correleerde een snel herstel van het sinusritme met een daling van het aantal cardiovasculaire accidenten met gemiddeld 19% (HR 0, 81; 95% BI: 0,66-0,98).
In de klinische praktijk heeft een snel herstel van het sinusritme heilzame cardiovasculaire effecten ongeacht het risiconiveau gemeten aan de CHA2DS2-VASc-score. Quod erat demonstrandum.
D. Kim et al. https://doi.org/10.7326/M21-4798