Steunkousen vanaf de acute fase

We schrijven steunkousen voor om een residuele veneuze occlusie te voorkomen (dat zou meespelen bij de pathogenese van een posttrombotisch syndroom). Maar worden steunkousen goed gebruikt?
Dat is nog zo zeker niet te oordelen naar de resultaten van een gerandomiseerde, prospectieve studie bij bijna 600 patiënten met een diepe veneuze trombose van de onderste ledematen. De patiënten kregen een antistollingstherapie en steunkousen. In één groep werd de compressie vanaf de acute fase gestart (binnen 24 uur) en in de andere groep later.
De waarschijnlijkheid van residuele veneuze occlusie en posttrombotisch syndroom was respectievelijk 20% en 8% (in absolute waarde) lager met een vroege compressie dan als de compressie later werd gestart. Hoe distaler de trombose in het been, des te sterker is het effect.
De gunstige effecten van compressie zouden te danken zijn aan een betere bloedsomloop door een daling van de diameter van de aders. Het bloed wordt dan met meer energie voortgestuwd, waardoor eventuele persisterende stolsels loskomen. Dat voorkomt complicaties zoals een residuele veneuze occlusie en een posttrombotisch syndroom.
Compressie veroorzaakt bovendien geen bijwerkingen. Dat alles pleit ervoor om vaker steunkousen voor te schrijven vanaf de acute fase van de behandeling van een diepe veneuze trombose van de onderste ledematen.
EE. Amin et al. Blood. 2018 Sep 20. [Online gepubliceerd voor de papieren versie]. http://www.bloodjournal.org/content/early/2018/09/19/blood-2018-03-836783