FOURIER, dé studie op het ACC 2017

FOURIER (NCT01764633) is een grote, internationale, multicentrische, gerandomiseerde, dubbelblinde, placebogecontroleerde studie (waaraan 18 Belgische centra hebben meegewerkt) die het effect van evolocumab op de morbiditeit en de mortaliteit heeft onderzocht bij stabiele patiënten met een hoog cardiovasculair risico.
De studie werd uitgevoerd bij 27.564 patiënten (75% mannen, gemiddelde leeftijd 63 jaar) met een voorgeschiedenis van myocardinfarct (81% van de patiënten), CVA of symptomatisch arterieel lijden van de onderste ledematen die al een statine kregen in matige of hoge dosering (69% van de gevallen ± ezetimibe) en desondanks nog een LDL-cholesterolconcentratie ≥ 70 mg/dl (gemiddelde concentratie bij inclusie in de studie 92 mg/dl) of een non-HDL-cholesterol ≥ 100 mg/dl hadden.
Evolocumab is een volledig gehumaniseerde monoklonale antistof die gericht is tegen PCSK9 (proprotein convertase subtilisin-kexin type 9). Evolocumab werd toegediend boven op de gebruikelijke behandeling in een dosering van 140 mg om de twee weken of 420 mg per maand aan 13.784 patiënten. De overige 13.780 patiënten kregen een placebo. Het primaire eindpunt was een samengesteld eindpunt van cardiovasculaire sterfte, infarct, CVA, ziekenhuisopname wegens instabiele angina pectoris en coronaire revascularisatie. Het belangrijkste secundaire eindpunt was een samengesteld eindpunt van cardiovasculaire sterfte, infarct en CVA.
Evolocumab verlaagde de LDL-cholesterol met gemiddeld 59% tot een mediane concentratie van 30 mg/dl. Dat ging gepaard met een lagere frequentie van optreden van evenementen van het primaire eindpunt (12,6% versus 14,6%; HR 0,85; p < 0,0001) en van het belangrijkste secundair eindpunt (7,9% versus 9,9%; HR 0,80; p < 0,0001) in vergelijking met placebo. Dat was toe te schrijven aan een daling van de incidentie van infarct en CVA. Evolocumab verlaagde de cardiovasculaire sterfte niet in vergelijking met de placebo (respectievelijk 2,5% versus 2,4%; HR 1,05) en ook niet de totale sterfte (4,8% versus 4,3%; HR 1,04).
Een subgroepanalyse leverde soortgelijke resultaten op ongeacht de initiële aandoening, de initiële LDL-cholesterolconcentratie, de dosering van het statine en de wijze van toediening van evolocumab. Er zijn geen bijzondere veiligheidsproblemen opgedoken (aantal patiënten dat de behandeling heeft stopgezet, diabetes, cognitieve stoornissen). Zeer weinig patiënten hebben antistoffen ontwikkeld en in geen enkel geval hebben die het therapeutische effect geneutraliseerd.
Voor meer details verwijzen we u naar de studie, de commentaren en het redactioneel commentaar.