PremiumCardiologie

Goede preventie recidief trombo-embolie met minimaal bloedingsrisico is mogelijk

photo

Patiënten met een voorgeschiedenis van trombo-embolie (diepe veneuze trombose of longembolie) lopen een hoog risico op recidief (tot 10% tijdens het eerste jaar) als de profylactische antistollingstherapie voortijdig wordt stopgezet. Nochtans wordt die behandeling in de praktijk vaak gestaakt wegens het bloedingsrisico.

Jean-Claude Lemaire - 20 april 2017

De EINSTEIN CHOICE-studie (NCT02064439) is een gerandomiseerde, dubbelblinde, vergelijkende studie die de werkzaamheid en de veiligheid heeft onderzocht van schema's die het bloedingsrisico verlagen. De 3.396 patiënten van gemiddeld 58 jaar met een voorgeschiedenis van trombo-embolie (tromboflebitis 51%, longembolie 34%, beide 14%; in 40% van de gevallen ging het om een "spontane" trombo-embolie) die een behandeling met klassieke orale anticoagulantia hadden gekregen gedurende 6 tot 12 maanden, werden in drie behandelingsgroepen ingedeeld: rivaroxaban 10 mg/d, rivaroxaban 20 mg/d en aspirine 100 mg/d gedurende 12 maanden. De patiënten werden nog gedurende een maand gevolgd na stopzetting van de behandeling.

De analyse werd uitgevoerd volgens het principe van intentie tot behandelen. De werkzaamheid werd beoordeeld naar het optreden van een symptomatisch recidief van trombo-embolie (niet-fatale diepe veneuze trombose en longembolie, fatale longembolie en onverklaard overlijden waarbij een longembolie niet kon worden uitgesloten). De veiligheid werd beoordeeld naar het aantal ernstige bloedingen (definitie van de ISTH).

Het risico op ernstige bloedingen was vergelijkbaar met de drie strategieën:

rivaroxaban 10 mg 0,4%; rivaroxaban 20 mg 0,5% en aspirine 0,3%. De preventie van recidief van trombo-embolie was echter duidelijk beter met rivaroxaban: frequentie van het samengestelde eindpunt rivaroxaban 10 mg 1,2%, rivaroxaban 20mg 1,5% en aspirine 4,4%, frequentie van diepe veneuze trombose respectievelijk 0,6%, 0,8% en 2,6% en frequentie van longembolie respectievelijk 0,4%, 0,5% en 1,7%.

Rivaroxaban was superieur ongeacht of de initiële episode al dan niet was uitgelokt en ongeacht de duur van de voorafgaande antistollingstherapie in volle dosering. De resultaten waren concordant en van dezelfde grootteorde in alle onderzochte subgroepen.

Voor meer details verwijzen we u naar het artikel dat eind maart werd gepubliceerd (JI Weitz et al. N Engl J Med 2017; 376:1211-22) en het redactioneel commentaar.

Wat heb je nodig

Krijg GRATIS toegang tot het artikel
of
Proef ons gratis!Word één maand gratis premium lid en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • digitale toegang tot de gedrukte magazines
  • digitale toegang tot Artsenkrant, De Apotheker en AK Hospitals
  • gevarieerd nieuwsaanbod met actualiteit, opinie, analyse, medisch nieuws & praktijk
  • dagelijkse newsletter met nieuws uit de medische sector
Heeft u al een abonnement? 

Meer weten over

Deel je (nieuws)verhaal

Heb je nieuws dat relevant is voor onze redactie? Deel het met ons via het meldformulier.

Nieuws melden
Print Magazine

Recente Editie
12 mei 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine