Metformine en diepe veneuze trombose
Metformine kan bepaalde fysiologische afwijkingen corrigeren die te maken hebben met insulineresistentie bij type 2-diabetes. Is dat ook zo wat diepe veneuze trombose betreft?
Lu et al. (Taiwan) hebben tussen 1997 en 2003 7154 type 2-diabetespatiënten die werden behandeld met metformine, uit de National Health Insurance Research Database van hun land geëxtraheerd. Die groep werd dan vergeleken met een controlegroep van 7778 patiënten die vergelijkbaar waren qua leeftijd, geslacht, comorbiditeit en geneesmiddelen, maar die geen metformine kregen.
Onafhankelijke factor
In het totaal hebben 60 (0,40%) patiënten een diepe veneuze trombose (DVT) ontwikkeld tijdens een gemiddelde follow-up van 3,74 jaar: zestien in de metforminegroep (0,21%) en 44 (0,56%) in de controlegroep. Het relatieve risico op ontwikkeling van DVT in de metforminegroep in vergelijking met de controlegroep was 0,427 (95% BI 0,240 - 0,758; p = 0,004), ongeacht de leeftijd, het geslacht en de comorbiditeit. Ook bij analyse volgens de kaplan-meiermethode werd vastgesteld dat een behandeling met metformine correleerde met een lagere frequentie van DVT.
Voorzichtige conclusie
De auteurs concludeerden voorzichtig dat metformine type 2-diabetespatiënten waarschijnlijk beschermt tegen diepe veneuze trombose. Voorzichtig, omdat hun studie toch enkele zwakke punten vertoont (geen randomisatie; probleem van diagnostische zekerheid bij een aantal gevallen van diepe veneuze trombose).