Profylactisch vers ingevroren plasma?
Vers ingevroren plasma wordt gebruikt voor therapeutische doeleinden, maar kan bij hartchirurgie ook profylactisch worden gegeven. Is dat wel gewettigd?
Er zijn richtlijnen voor toediening van vers ingevroren plasma, maar wereldwijd wordt toch soms ten onrechte vers ingevroren plasma gegeven, vooral voor profylactische doeleinden. Een Chinese groep heeft het nut van profylactische toediening van vers ingevroren plasma bij hartchirurgie bij kinderen onderzocht.
100 kinderen
De studie werd uitgevoerd bij een honderdtal kinderen van 6 maanden tot 3 jaar met een aangeboren cyanotische hartziekte die een hartoperatie onder cardiopulmonale bypass moesten ondergaan. De kinderen werden gerandomiseerd naar een priming met vers ingevroren plasma (10-20 ml/kg; n = 50) of met succinylgelatine. Voor incisie van de huid en 15 minuten na neutralisering van heparine werd een snelle trombo-elastrografie (r-TEG) uitgevoerd. Ook werden de nierfunctie en de leverfunctie na de operatie, de werking van de thoracale drain, de transfusienood en de tijd tot herstel geëvalueerd. Voorts werd het verband geanalyseerd tussen de hematologische en demografische gegevens en het postoperatieve bloedverlies.
Het fibrinogeengehalte meten
Het fibrinogeengehalte was significant hoger in de groep die vers ingevroren plasma had gekregen, dan in de groep die succinylgelatine had gekregen. Er was echter geen significant verschil in postoperatief bloedverlies, transfusiebehoefte en de tijd tot herstel tussen de twee groepen. Dat wijst er dus op dat priming van het extracorporale circuit met vers ingevroren plasma geen grote voordelen biedt. De maximale r-TEG na neutralisering van heparine correleerde met het volume bloedverlies 6 uur na de operatie. Het preoperatieve fibrinogeengehalte was een onafhankelijke voorspeller van postoperatief bloedverlies en niet zozeer priming met vers ingevroren plasma.
De echte voorspeller
De auteurs concluderen dan ook dat profylactische toediening van vers ingevroren plasma geen duidelijke klinische voordelen biedt bij kinderen met een aangeboren cyanogene hartziekte. Bij die kinderen kan de r-TEG worden gebruikt voor evaluatie in real time van het postoperatieve bloedverlies en om na te gaan of een transfusie vereist is na hartchirurgie. We zouden er toch aan willen toevoegen dat we dat toch graag bevestigd zouden zijn op een groter aantal patiënten, hoewel we er ons van bewust zijn dat het ethisch en praktisch gezien erg moeilijk is om dergelijke studies uit te voeren.