Een blauw pilletje voor het hart?

Type 5-fosfodiësteraseremmers schijnen nu ook hun weg te zoeken in de cardiologie. En dat is eigenlijk niet zo verwonderlijk aangezien ze aanvankelijk in die indicatie werden onderzocht. Recentelijk werd een meta-analyse gepubliceerd van de cardioprotectieve effecten van PDE5-remmers.
Er wordt heel wat gepubliceerd over type 5-fosfodiësteraseremmers (PDE5-remmers). Het was dan ook tijd om wat klaarheid te scheppen. De literatuurgegevens blijken immers niet altijd eensluidend te zijn. Daarom hebben Giannetta et al. (Italië) een meta-analyse uitgevoerd van de cardiale risico-batenverhouding van PDE5-remmers.
Randomisatie en cross-over
De auteurs hebben de gerandomiseerde, placebogecontroleerde studies doorgenomen die het effect van PDE5-remmers op de werking en de vorm van het hart en de cardiale veiligheid ervan hebben onderzocht en die werden gepubliceerd tussen maart 2012 en december 2013. Daarna hebben ze de gegevens bijgewerkt tot mei 2014. Ze hebben hun meta-analyse uitgevoerd uitgaande van de studies die het effect van chronisch gebruik van PDE5-remmers op de geometrie en de functies van het hart, de nabelasting, de endotheelfunctie en de cardiale veiligheid hebben onderzocht. In het totaal ging het om 24 gerandomiseerde klinische studies met in het totaal 1.622 patiënten van wie er 954 waren gerandomiseerd naar een PDE5-remmer en 772 naar een placebo. De auteurs hebben daarbij ook rekening gehouden met de patiënten die van groep zijn veranderd.
Duidelijke voordelen
Een langdurige remming van het PDE-5 blijkt remodeling van het hart tegen te gaan, de linkerventrikelmassa te verminderen bij patiënten met linkerventrikelhypertrofie en het einddiastolische volume te verhogen bij patiënten zonder linkerventrikelhypertrofie. Ze verbeteren ook de prestaties van het hart: ze verhogen de cardiale index en de linkerventrikelejectiefractie. Die effecten gaan gepaard met een daling van de NT-proBNP-spiegel bij patiënten met een belangrijke linkerventrikelhypertrofie. De nabelasting verandert niet en de flow gemedieerde vasodilatatie verbetert. De belangrijkste bijwerkingen zijn bekend: blozen, hoofdpijn, neusbloeding en maaglast.
Volgens de auteurs levert de meta-analyse robuuste conclusies op, maar bij gebrek aan differentiatie volgens het geslacht zou dat laatste punt nog verder moeten worden onderzocht.