Daar heb je vitamine D weer
Op grond van een evaluatie in twee fasen van het nut van vitamine D-supplementen concluderen Amerikaanse auteurs dat het waarschijnlijk toch interessant is om vitamine D-supplementen aan te bevelen, ook voor het hart.
Epidemiologische studies wijzen op een verband tussen de 25-OH-vitamine D-spiegel en het risico op hart- en vaataandoeningen. Is dat inderdaad zo? Om dat uit te pluizen, hebben Ford et al. de RECORD-studie opnieuw geanalyseerd en de literatuur doorgenomen.
Twee fasen, maar coherente resultaten
In het eerste deel van hun studie hebben ze bij de 5.292 proefpersonen die hadden deelgenomen aan de RECORD-studie, uitgerekend dat het relatieve risico op hartinsufficiëntie 0,75 was in de groep die vitamine D3 (800 IE/d) kreeg, in vergelijking met de groep die geen vitamine D kreeg. Het relatieve risico op infarct was 0,97 en het relatieve risico op cerebrovasculair accident 1,06.
Ze hebben daarna 22 studies geanalyseerd met in het totaal 13.033 patiënten die voldeden aan de gebruikelijke criteria. Op grond van die literatuurreview raamden ze het relatieve risico op hartinsufficiëntie, infarct en cerebrovasculair accident op respectievelijk 0,85, 0,96 en 1,07. Een opmerkelijke vaststelling is dat de twee methoden tot vergelijkbare cijfers zijn gekomen.
Bescherming, maar niet tegen alles
We mogen dus stellen dat vitamine D-supplementen kunnen beschermen tegen hartinsufficiëntie en infarct, maar niet tegen CVA. Uiteraard mogen we ook de andere effecten van vitamine D niet uit het oog verliezen.