Nog een verschil tussen mannen en vrouwen

Amerikaanse auteurs vragen zich af of vrouwen met een linkerbundeltakblok geen baat zouden kunnen vinden bij een cardiale resynchronisatietherapie bij een smaller QRS-complex dan mannen.
Het is moeilijk die vraag te beantwoorden omdat vrouwen ondervertegenwoordigd zijn in studies van cardiale resynchronisatietherapie bij hartfalen. Daarom hebben de auteurs de gegevens van meerdere studies gebundeld. Ze hebben de individuele gegevens geanalyseerd van 4076 patiënten die hadden deelgenomen aan drie studies die cardiale resynchronisatietherapie hebben vergeleken met een implanteerbare cardioverter-defibrillator (ICD). Het ging overwegend om patiënten in NYHA-klasse II, die gedurende hooguit drie jaar werden gevolgd. De effecten van de twee toestellen werden statistisch geëvalueerd. Het primaire eindpunt was de tijd tussen plaatsing van het toestel en het optreden van hartfalen of overlijden. Het secundaire eindpunt was de sterfte.
Geen twijfel mogelijk
Vrouwen bleken meer baat te vinden bij een resynchronisatiebehandeling dan mannen. Het grootste verschil tussen mannen en vrouwen werd vastgesteld bij de patiënten met een linkerbundeltakblok en een QRS-complex van 130 tot 149 msec. Bij die vrouwen daalde zowel de incidentie van het primaire eindpunt als die van het secundaire eindpunt met 76%. Bij de mannen was er geen statistisch significant verschil in het primaire of het secundaire eindpunt. In deze studie vonden noch mannen noch vrouwen met een linkerbundeltakblok baat bij een ICD als het QRS-complex smaller was dan 130 msec. Bij een QRS breder dan 150 msec vonden zowel mannen als vrouwen baat bij een ICD.
Verandering van houding
Dat zou moeten uitmonden in een aanpassing van het beleid. Momenteel is het immers zo dat vrouwen minder vaak een ICD ingeplant krijgen dan mannen.