Screening bij sportieve kinderen

Er is nog altijd discussie over de vraag of een cardiale screening bij jongvolwassenen die sporten, al dan niet noodzakelijk is. En bij kinderen
Een plotselinge cardiale dood bij een jonge atleet is altijd een dramatisch gebeuren. Dat is uiteraard de reden waarom er screeningprogramma's op touw zijn gezet voor jonge atleten. Er is echter nog altijd discussie over de vraag of die screening al dan niet verplicht moet worden gemaakt. Bij kinderen zijn de oorzaken en de frequentie van plotselinge cardiale dood niet dezelfde als bij jongvolwassenen. Plotselinge cardiale dood komt gelukkig veel minder vaak voor bij kinderen dan bij volwassenen.
Onvoldoende gegevens
Eigenlijk zijn er te weinig gegevens om de frequentie en de oorzaken van plotselinge cardiale dood bij sportieve kinderen te vergelijken met die bij niet-sportieve kinderen. 40-50% van de gevallen van plotselinge cardiale dood zou te wijten zijn aan de inspanning. Er bestaan min of meer specifieke screeningprogramma's voor dergelijke kinderen, maar de anamnese, de voorgeschiedenis en het lichamelijk onderzoek zijn niet erg gevoelig, specifiek en discriminatief. Het aantal fout-positieve en fout-negatieve uitkomsten blijft te hoog. Het ecg van kinderen verschilt van dat bij volwassenen en dat heeft gevolgen voor kinderen: een diagnose die gebaseerd is op het ecg, is bij kinderen minder betrouwbaar dan bij volwassenen.
Secundaire preventie
Secundaire preventie, een breed aanleren van reanimatietechnieken en richtlijnen voor het gebruik van een externe automatische defibrillator kunnen waarschijnlijk evenveel levens redden als screeningprogramma's. Er zijn bovendien te weinig studies uitgevoerd om na te gaan of die screeningprogramma's wel geschikt zijn. Dat wil niet zeggen dat ze moeten worden verwaarloosd, maar we zouden toch meer informatie daaromtrent moeten verzamelen en het nut ervan moeten evalueren.