Te weinig hoog-risicopatiënten krijgen anticoagulantia na ablatie van AF
Een Europese studie in 10 landen, waaraan ook onze landgenoot Dr Mairesse van de Cliniques du Sud Luxembourg in Aarlen heeft meegewerkt, toont aan dat het succes van catheter ablatie van atriale fibrillatie (AF) relatief hoog is met een laag aantal complicaties.
De EORP Atrial Fibrillation Ablation Pilot Study toont dat 65% van de patiënten één jaar na ablatie van AF anticoagulantia namen. Maar bijna 25% van de patiënten met een hoog risico op een beroerte (CHA2DS2-VASc score >1) namen geen enkel anticoagulans. En ongeveer de helft van de patiënten met een laag risico op een beroerte (CHA2DS2-VASc score = 0) namen 1 jaar na de ingreep nog steeds anticoagulantia.
Professor Josep Brugada van de Universiteit van Barcelona die betrokken was bi j het onderzoek zei: "Onze pilootstudie is uitgevoerd in AF-ablatiecentra met medium tot hoog volume. We verwachtten van hen toch dat ze de anticoagulantia protocollen zouden volgen. Maar vaak gebeurt de opvolging door een huisarts of door en cardioloog van een ander centrum. Een goede samenwerking is dus absoluut vereist om ervoor te zorgen dat de patiënten de aanbevolen behandeling krijgen."
Dit was een prospectieve observationele studie met 1410 opeenvolgende patiënten die voor de eerste keer een AF ablatie ondergingen in 10 Europese landen in 72 cardiologiecentra met medium tot hoge expertise (>50 AF ablaties per jaar).
Bij 74% van de patiënten kon het sinusritme behouden blijven na catheter ablatie van AF. Bij 41% van de patiënten was de ingreep succesvol zonder gebruik van antiarrhytmica. Bij 2,5% van de patiënten traden complicaties op (met uitzondering van post-ablatie AF/tachycardie) die bij minder dan 1% van de patiënten ernstig te noemen waren. Voor de ingreep had 90% van de patiënten symptomen, na de ingreep nog 45%.
Het succes van de ingreep was consistent over de Europese regio's. Het aantal AF ablaties dat werd uitgevoerd door de centra had geen invloed op succes en het aantal complicaties. Professor Brugada zei: "Deze resultaten zijn geen verrassing want alle centra hadden een medium tot hoge expertise. 50 ingrepen per jaar ligt waarschijnlijk boven de kwaliteitsgrens. Momenteel loopt er nog een langere studie waarbij alle centra inbegrepen zijn. Waarschijnlijk vinden we lichtjes andere resultaten in de centra met laag volume."