De ESC over de risico's van straling bij cardiovasculaire beeldvorming
De Europese Vereniging voor Cardiologie stelt dat er geen beschuldigende vinger moet worden uitgestoken naar de cardiovasculaire beeldvorming op zich, maar dat het probleem ligt in een onoordeelkundig gebruik ervan.
Cardiale beeldvorming biedt "immense" voordelen, schrijven de auteurs van een position paper die in de European Heart Journal werd gepubliceerd. De moderne geneeskunde kan niet meer zonder, maar je moet redelijk blijven, onderstrepen de auteurs van het manifest. De cardiologen zijn inderdaad verantwoordelijk voor een belangrijk gedeelte van de stralingsdosis waaraan de patiënten worden blootgesteld. De cardiologen moeten dus hun verantwoordelijkheid nemen en een ongewettigde, niet-optimale blootsteling aan ioniserende stralen mijden.
Maar, onderstrepen de auteurs van de tekst, de cardiologen weten soms niet goed wat de stralingsdosis is van de onderzoeken die ze uitvoeren of aanvragen.
De auteurs hebben daarom de literatuur doorgenomen over de stralingsdoses. Bij een percutane coronaire interventie blijkt de stralingsdosis te schommelen tussen 1 en 60 milliSieverts (mSv) rond een referentiedosis van 15 mSv (wat overeenstemt met 750 röntgenfoto's van de thorax).