Acht op de tien sportende jongeren vindt screening nuttig
Het sportmedisch screenen van jongeren is al enkele maanden niet weg te branden uit de actualiteit. Cardiologen, sportartsen, politici en ouders voeren volop debatten. Maar hoe staan jonge sporters zelf tegenover die screenings? Aankomend sportarts Sofie Decamps zocht het uit onder begeleiding van cardioloog prof. Hein Heidbüchel (KUL).
Dokter Decamps trachtte die en vergelijkbare vragen te beantwoorden in haar masterproef. Het voornemen van de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB) om alle jonge spelertjes te screenen op hartafwijkingen om gevallen van sudden death te voorkomen, stak afgelopen winter het vuur aan de lont. Die plannen - die de bond later opnieuw introk- leidden tot een controverse over het nut van die screenings bij jongeren. Waaruit moest zo'n onderzoek bestaan? Welke artsen of welke instelling zou ze mogen uitvoeren en opvolgen?