Hoe wordt men zwaarlijvig?

Er wordt onderzoek verricht naar de biologische mechanismen die leiden tot obesitas. Obesitas kan beschouwd worden als een chronische ziekte, die na verloop van tijd irreversibel is. Preventie is dus bijzonder belangrijk.
Een kort overzicht van de verschillende soorten adipocyten om het probleem goed te kunnen vatten. De adipocyten worden groter als ze vet ophopen, maar kunnen zich ook vermenigvuldigen onder invloed van bepaalde voedingsmiddelen, hormonen, infecties, neurologische factoren en luchtvervuiling.
Er zijn drie soorten adipocyten:
? witte adipocyten, vormen de meerderheid bij volwassenen, slaan triglyceriden op,
? bruine adipocyten. Het aantal bruine adipocyten is hoog bij zuigelingen en daalt met de leeftijd. Ze verbranden vetzuren om warmte te produceren,
? beige adipocyten vertonen intermediaire kenmerken en worden teruggevonden bij volwassenen.
Het vetweefsel bestaat voor één derde uit adipocyten. Voorts bevat het stamcellen, lymfocyten en andere cellen van het immuunsysteem, bloedvatcellen en zenuwuiteinden. Vorsers hebben aangetoond dat eventuele complicaties vooral correleren met de samenstelling van het vetweefsel en niet zozeer met de hoeveelheid vetweefsel als dusdanig. De ontstekingsverschijnselen in vetweefsel hebben een nefast effect: ze veroorzaken fibrose, wat gewichtsverlies sterk bemoeilijkt. Vetweefsel scheidt verschillende stoffen af die invloed hebben op het metabolisme via communicatie met de verschillende systemen. Bij sommige zwaarlijvigen is dat communicatiemechanisme verstoord, wat metabole complicaties veroorzaakt, ook al blijkt ongeveer 30% er geen te vertonen.
Epigenetische factoren
Het DNA ondergaat onder invloed van interne en omgevingsfactoren chemische veranderingen die correleren met het risico op obesitas en soms al bestaan voor de geboorte. Mochten we erin slagen die factoren te identificeren, zou dat kunnen helpen bij de preventie.
Het centrale zenuwstelsel
Ook wordt onderzoek verricht naar factoren die tot gevolg hebben dat de hypothalamus de voedselinname en het energieverbruik niet meer regelen. Ook wordt de rol van de biologische klok geanalyseerd. Zwaarlijvige mensen blijken immers stoornissen van de biologische klok te vertonen. Een ontregeling van de waak-slaapcyclus kan het risico op overgewicht verhogen en vice versa. Ook de hoeveelheid en de kwaliteit van de voeding kunnen de biologische klok verstoren.
Intestinale microbiota
De kwaliteit van de microbiota kan meespelen bij de pathogenese van metabole aandoeningen. Ook een laaggradige ontsteking als gevolg van de samenstelling van de voeding en de aan- of afwezigheid van bepaalde bacteriën is een risicofactor.