Paramedisch beroep orthoptist geregeld
KB regelt erkenning en uitoefening
Het Staatsblad van 15 oktober maakt het KB van 29 september 2026 betreffende het beroep van orthoptist bekend. Artikel 2 bepaalt dat de uitoefening van "orthoptie" een paramedisch beroep is in de zin van artikel 69 WUG en dat dit beroep wordt uitgeoefend onder de beroepstitel "orthoptist".
Herman Nys, em. prof. medisch recht KU Leuven
Erkenningscriteria
Uitsluitend personen die daartoe overeenkomstig § 2 zijn erkend en voldoen aan de in § 3 genoemde voorwaarden, zijn bevoegd het beroep van orthoptist uit te oefenen en de titel van orthoptist te voeren (artikel 3 § 1).
Om een erkenning voor de titel en het beroep van orthoptist te kunnen verkrijgen, moet de betrokkene met succes een hogere opleiding hebben afgerond die overeenkomt met ten minste 180 ECTS-studiepunten.
Het leerprogramma omvat op zijn minst de volgende elementen:
- een theoretische opleiding en praktische opleiding;
- het maken van een eindwerk;
- een stage van minimaal 600 uur
De erkende persoon onderhoudt zijn beroepskennis en -vaardigheden als orthoptist en werkt deze bij via bijscholing (permanente vorming), gedurende ten minste 15 uur per jaar, om een beroepsuitoefening op een optimaal kwaliteitsniveau te behouden. Deze bijscholing moet bestaan uit persoonlijke studie en deelname aan vormingsactiviteiten (artikel 3 § 3).
Toevertrouwde handelingen en technische prestaties
Op grond van artikel 71, § 1, eerste lid WUG mogen de technische prestaties, bedoeld in de artikels 1, 2 en 3 van de bijlage aan het KB door de orthoptist worden uitgevoerd, krachtens artikel 69, 1°, § 1, eerste lid WUG.
De technische prestaties, in het kader van de uitvoering van maatregelen van preventieve geneeskunde met uitsluiting van handelingen die rechtstreeks contact met het oog vereisen, bedoeld in artikel 1 van de bijlage aan het KB mogen door de orthoptist worden verricht op voorwaarde van een omstandig geneeskundig voorschrift opgesteld door een arts
De in artikel 2 van de bijlage aan het KB bedoelde technische prestaties mogen autonoom worden verricht door de orthoptist indien de patiënt voorafgaandelijk binnen de artikel 3 van de bijlage aan het KB bedoelde termijn werd gezien door een arts-specialist in de oftalmologie.
De technische prestaties bedoeld in artikel 3 van het bijlage aan het KB mogen worden verricht door de orthoptist op voorwaarde van een omstandig geneeskundig voorschrift opgesteld door een arts-specialist in de oftalmologie.
De technische prestaties bedoeld in artikel 4 van de bijlage aan het KB mogen worden verricht door de orthoptist op voorwaarde van een omstandig geneeskundig voorschrift opgesteld door een van de volgende artsen-specialisten: een arts-specialist in de oftalmologie, een arts-specialist keel-, neus- en oorheelkunde, een arts-specialist in de neurologie of een arts-specialist in de pediatrische neurologie.
De technische prestaties bedoeld in artikel 5 van de bijlage aan het KB mogen worden toevertrouwd aan de orthoptist door een arts-specialist in de oftalmologie, op voorwaarde dat de voorschrijvende arts fysiek aanwezig is in dezelfde instelling en de handelingen onder zijn verantwoordelijkheid worden verricht.
De assistentie-handelingen in artikel 6 van de bijlage aan het KB mogen worden verricht door de orthoptist op voorwaarde dat de arts en de orthoptist samen in dezelfde locatie handelingen verrichten bij een patiënt, waarbij er direct visueel en verbaal contact tussen hen bestaat (artikel 4).
De technische prestaties, de toevertrouwde handelingen en de assistentie-handelingen die worden uitgevoerd door de orthoptist moeten worden gedetailleerd in het medisch dossier van de patiënt (artikel 5).
Garanderen van kwaliteit en respect voor het beroepsgeheim
In overeenstemming met de Patiëntenrechtenwet, de Zorgkwaliteitswet en de geldende wetgeving inzake het medisch beroepsgeheim en de bescherming van medische informatie, garanderen de orthoptisten de kwaliteit van de orthoptische prestaties die zij aan hun patiënten verlenen, de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de patiënt en het medisch beroepsgeheim.
Om het medisch beroepsgeheim en de vertrouwelijkheid van de medische informatie te waarborgen, zorgen de orthoptisten ervoor dat de lokalen waarin zij hun beroep uitoefenen, beschikken over een praktijkruimte die gescheiden is van de wachtruimte. De orthoptist verleent de orthoptische prestaties aan de patiënt door in hetzelfde lokaal fysiek aanwezig te zijn (artikel 6 § 1 en 2).
Wijzigingsbepaling
Het KB van 7 juli 2017 betreffende de beroepstitel en de kwalificatievereisten voor de uitoefening van het beroep van orthoptist en houdende vaststelling van de lijst van de technische prestaties en van de lijst van handelingen waarmee de orthoptist door een arts kan worden belast, wordt opgeheven.
Het KB van 29 september 2026 treedt in werking op 25 oktober 2026.