Behandeling van uitgezaaide borstkanker: wat voorspelt succes?
Prof. Christos Sotiriou van het Institut Jules Bordet wil beter begrijpen hoe uitzaaiingen ontstaan en waarom sommige patiënten op een behandeling reageren, terwijl bij anderen resistentie optreedt. Naar aanleiding van Roze Oktober belicht de Stichting Tegen Kanker zijn onderzoek.

In België worden jaarlijks bijna 12.000 nieuwe gevallen van borstkanker vastgesteld. In 2024 hadden 880 vrouwen al uitzaaiingen op het moment van de diagnose.
‘Bij uitgezaaide borstkanker heeft de ziekte zich naar andere delen van het lichaam verspreid. De uitzaaiingen kunnen al aanwezig zijn bij de diagnose, maar ook pas maanden of jaren na een eerste behandeling ontstaan’, verduidelijkt de Stichting in een persbericht.
‘De uitzaaiingen zijn afkomstig van de oorspronkelijke tumor, maar hun cellen kunnen intussen veranderd zijn. Daarom wordt de tumor bij herval, wanneer dat mogelijk is, opnieuw onderzocht: zijn biologische kenmerken kunnen veranderd zijn.’
De ziekte zo lang mogelijk onder controle houden
Nieuwe behandelingen hebben de prognose van uitgezaaide borstkanker sterk verbeterd. Volgens de recentste gegevens van het Belgisch Kankerregister bedraagt de netto vijfjaarsoverleving bij stadium IV nu ongeveer 50%, tegenover 30% zo’n twintig jaar geleden.
Uitgezaaide borstkanker is doorgaans nog niet definitief te genezen. Het verloop verschilt bovendien sterk van persoon tot persoon: twee patiënten met op het eerste gezicht hetzelfde type kanker kunnen heel anders reageren op dezelfde behandeling.
‘Twee vrouwen met op het eerste gezicht hetzelfde type uitgezaaide borstkanker kunnen totaal verschillend reageren op dezelfde behandeling. Wij willen begrijpen waarom.’
— Prof. Christos Sotiriou
‘Het doel is om de ziekte zo lang mogelijk onder controle te houden en tegelijk de levenskwaliteit te bewaren’, aldus de Stichting.
Uitzaaiingen in kaart brengen
De Stichting tegen Kanker steunde eerder het internationale onderzoeksprogramma AURORA. Daardoor kon een bijzondere verzameling van oorspronkelijke tumoren en uitzaaiingen van dezelfde patiënten worden aangelegd, samen met gedetailleerde gegevens over hun behandelingen en het verloop van hun ziekte.
Nu ondersteunt de Stichting het vervolgonderzoek van Sotiriou, “Decoding metastatic breast cancer heterogeneity using spatial transcriptomics and AI in the AURORA study”. Daarin worden de gegevens onderzocht met behulp van ruimtelijke transcriptomica en artificiële intelligentie.
De onderzoekers willen achterhalen welke mechanismen bepalen of een behandeling aanslaat of dat er resistentie ontstaat. Op langere termijn moet dat helpen om voor elke patiënt de meest geschikte behandeling te kiezen. Ze onderzoeken onder meer de genexpressie van afzonderlijke cellen. Dankzij ruimtelijke transcriptomica blijft daarbij zichtbaar waar die cellen zich in het weefsel bevinden.
‘Met deze technologie kunnen we niet alleen de kankercellen bestuderen, maar ook hun micro-omgeving: hoe de verschillende cellen gerangschikt zijn, op elkaar inwerken en met elkaar communiceren. Met behulp van artificiële intelligentie combineren we die moleculaire gegevens vervolgens met beelden uit het pathologisch onderzoek en met klinische informatie. Zo willen we achterhalen waarom de ziekte bij patiënten verschillend verloopt en uiteindelijk beter voorspellen hoe zij op een behandeling zullen reageren.’
Een behandeling die beter bij de patiënt past
Op termijn kan dit onderzoek helpen om van bij het begin een beter onderbouwde behandelkeuze te maken.
Bij een patiënt bij wie de ziekte waarschijnlijk snel zal verergeren, zou een behandeling met weinig kans op succes vermeden kunnen worden. Die patiënt kan dan eerder een andere behandeling krijgen of deelnemen aan een klinische studie. Als een behandeling naar verwachting langdurig zal werken, kan een onnodige intensivering juist achterwege blijven. Dat kan de levenskwaliteit helpen behouden.
De steun van de Stichting tegen Kanker maakt dit soort translationeel onderzoek mogelijk: onderzoek dat vragen uit de klinische praktijk rechtstreeks verbindt met nieuwe wetenschappelijke inzichten.
‘Dankzij de financiering van de Stichting tegen Kanker kunnen we deze analyses uitvoeren op bijzonder waardevolle tumormonsters’, zegt Sotiriou. ‘Bovendien kunnen we onderzoekers, technici, bio-informatici, pathologen en oncologen samenbrengen rond het project.’
‘Twee vrouwen met op het eerste gezicht hetzelfde type uitgezaaide borstkanker kunnen totaal verschillend reageren op dezelfde behandeling. Wij willen begrijpen waarom.’