Biomarkerbloedtest bij alzheimerdiagnose: voordelen en beperking
Test is niet inzetbaar voor screening zonder klinische context
Een eenvoudige bloedafname is een alternatief voor een ruggenprik om de aanwezigheid van amyloïde pathologie te bevestigen. Naar aanleiding van Alzheimer-maand licht dr. Tim Van Langenhove, neuroloog aan het UZ Gent, de klinische waarde en de impact van de biomarkerbloedtest toe.
Bij vermoeden van de ziekte van Alzheimer kan een lumbaalpunctie worden gebruikt om hersenvocht te onderzoeken op specifieke eiwitten (zoals amyloïde en tau) die veranderd zijn door de ziekte.
Deze test is invasief en belastend voor de patiënt – bijwerkingen zoals hoofdpijn zijn mogelijk –, en het kon tot zes weken duren voor de resultaten ter beschikking waren, zegt dr. Tim Van Langenhove, neuroloog aan het UZ Gent.
De CE-goedgekeurde biomarkerbloedtest, ontwikkeld door Roche Diagnostics, spoort specifieke eiwitten op in het bloed. De resultaten zijn al na enkele dagen bekend.
“De test maakt het onderzoek veel eenvoudiger en geeft de patiënt veel sneller duidelijkheid”, zegt Van Langenhove. “Dat kan rust geven, ook al is de boodschap soms moeilijk. Het maakt het ook mogelijk om een gerichte behandeling en zorg sneller op te starten.”
Een negatief testresultaat kan met een hoge zekerheid de ziekte van Alzheimer uitsluiten als oorzaak van cognitieve klachten en zo invasieve follow-up onderzoeken (ruggenprik en/of amyloïd PET-scan) uitsluiten.
Beperkingen
Van Langenhove wijst ook op de beperkingen van de test. “De test op zichzelf stelt geen klinische diagnose van de ziekte van Alzheimer.” De uiteindelijke diagnose kan enkel gemaakt worden op basis van een volledig klinisch onderzoek, waarbij de test het vermoeden van alzheimer wel of niet bevestigt.
Als een 65-jarige vrouw met een familiale voorgeschiedenis van alzheimer positief test, betekent dat ook niet dat ze met zekerheid de ziekte zal ontwikkelen. “We weten dat bij ongeveer 20% van de cognitief gezonde ouderen, zonder geheugenproblemen, we toch sporen van amyloïde terugvinden. Een amyloïde-ophoping wil niet zeggen dat je de ziekte zal ontwikkelen. De test laat dus niet toe om de toekomst te voorspellen.”
Van Langenhove wijst er ook op dat een positief resultaat op de test andere oorzaken, zoals stress of slaaptekort, niet uitsluit.
Niet inzetbaar voor screening
“Als we de test ongericht inzetten kan dat aanleiding geven tot onnodige onrustheid: mensen die bang zijn dat ze alzheimer zullen krijgen, terwijl dat helemaal niet vaststaat.” Het risico bestaat ook dat onnodige vervolgonderzoeken worden gedaan die de patiënt en de zorg belasten.
“De klinische context blijft belangrijk. Eerst het klinisch onderzoek, dan de test”, besluit Van Langenhove.