Mentaal welzijn: steeds meer Belgen hebben het moeilijk
De geestelijke gezondheid van Belgen staat onder druk. Een nieuw rapport van AXA toont aan dat psychische problemen wijdverspreid zijn, het ziekteverzuim toeneemt en hulp voor velen onbereikbaar blijft. Vooral jongvolwassenen worden getroffen.
Het aandeel Belgen dat aangeeft met een psychisch gezondheidsprobleem te kampen, blijft sinds 2023 stabiel op 31%. Opvallend is echter de sterke stijging van het aantal mensen dat zegt aan een depressie te lijden: 18%, of zeven procentpunten meer dan in 2021. Vooral jongvolwassenen tussen 18 en 34 jaar lijken risico te lopen. In deze leeftijdsgroep geeft 41% aan psychische problemen te ervaren.

Verschillende kwetsbaarheidsfactoren
De rapport brengt verschillende factoren in kaart die het risico op psychische problemen verhogen. Het gaat onder meer om politieke, sociaaleconomische, financiële en professionele onzekerheid, zorgen over de toekomst en een hoge schermtijd.
Belgen brengen gemiddeld 4 uur en 20 minuten per dag voor een scherm door. Bij jongeren onder de 35 jaar loopt dat op tot 5 uur en 30 minuten. Een meerderheid van de respondenten is van mening dat deze blootstelling een negatieve impact heeft op hun mentale welzijn, vooral door de invloed op de slaapkwaliteit en het gevoel van isolement dat erdoor kan worden versterkt.
Ook de toegang tot hulpverlening blijft een uitdaging. Bijna één op de twee Belgen die het afgelopen jaar behoefte had aan geestelijke gezondheidszorg heeft daar geen gebruik van gemaakt. De kostprijs vormt daarbij de belangrijkste drempel, gevolgd door het stigma dat nog altijd rond geestelijke gezondheidszorg hangt.
Volgens professor arbeidsgeneeskunde Lode Godderis (KU Leuven) praten mensen vandaag weliswaar makkelijker over mentale gezondheid, maar blijft het voor velen moeilijk om hun eigen behoeften correct in te schatten. "Tegenwoordig wordt er veel vrijer gesproken over geestelijke gezondheid, en dat is een positieve evolutie. Maar bewustzijn is niet hetzelfde als inzicht. Veel mensen hebben nog steeds moeite om hun behoeften te herkennen en de impact van hun leef- en werkomstandigheden te begrijpen. Daarom zijn open gesprekken belangrijk, zowel op het werk als daarbuiten. Het hulpaanbod is de voorbije jaren diverser geworden, maar wordt daardoor soms ook onoverzichtelijk. Wat vooral nodig is, is persoonlijke begeleiding, stap voor stap, zodat mensen op het juiste moment de juiste hulp vinden."
De invloed van AI
Het rapport wijst ook op de toenemende rol van kunstmatige intelligentie in het domein van mentaal welzijn. Meer dan de helft van de Belgen heeft al gebruikgemaakt van AI-tools in dat kader. Bij jongeren onder de 35 jaar loopt dat aandeel zelfs op tot bijna drie op de vier.
Hoewel dergelijke toepassingen aantrekkelijk zijn door hun toegankelijkheid en onmiddellijke beschikbaarheid, roepen ze ook vragen op. Zo bestaan er zorgen over mogelijke afhankelijkheid, het vervangen van menselijke interactie en zelfs het risico dat bepaalde systemen schadelijk gedrag zouden kunnen versterken.
Ook op de werkvloer groeit het belang van mentale gezondheid. Van de werkende respondenten geeft 52% aan bereid te zijn om hierover met zijn werkgever te praten. Toch blijft een aanzienlijke groep liever zwijgen, uit vrees voor inmenging in de privésfeer, een gebrek aan ondersteuning of mogelijke negatieve gevolgen voor de loopbaan.
Ziekteverzuim neemt toe
Ondertussen blijft het ziekteverzuim omwille van psychische problemen toenemen. Zo geeft 31% van de ondervraagde werknemers aan hiermee geconfronteerd te zijn, tegenover 26% twee jaar geleden. Bij jongvolwassenen tussen 18 en 34 jaar loopt dat percentage zelfs op tot 44%.
Werkgevers kunnen een belangrijke rol spelen bij het ondersteunen van het mentale welzijn van hun medewerkers. Acht op de tien werknemers geven aan dat ze gebruik zouden maken van ondersteuningsprogramma's als hun werkgever die zou aanbieden. Toch zegt slechts 39% vandaag toegang te hebben tot dergelijke initiatieven.