Experten adviseren over verhoging remgeld
Een verhoging van het remgeld bij specialisten, voor medische beeldvorming, klinische biologie en daghospitalisatie kan 125 miljoen euro opleveren. Dat berekende een expertencommissie op vraag van de regering.
In december 2025 besliste de regering-De Wever om het remgeld te verhogen met 125 miljoen euro op jaarbasis. De Commissie Gezondheidszorgdoelstellingen (GDOS) kreeg de vraag om te onderzoeken hoe dat best gebeurt. In een lijvig advies stelt de werkgroep Toegankelijkheid van de Commissie GDOS concrete maatregelen voor.
Maatregelen
Een verhoging van het remgeld bij specialisten met 20% (van 12 naar 14,40 euro) levert 62 miljoen euro op. Eventueel kunnen “eerstelijns-specialisten” (zoals gynaecologen, pediaters, dermatologen, neus-, keel- en oorartsen, oogartsen en psychiaters) uitgesloten worden. Een alternatief is om het remgeld alleen te verhogen wanneer er geen verwijzing van een huisarts is.
Een verhoging met 25% van het remgeld voor klinische biologie en voor medische beeldvorming levert respectievelijk 35 en 19 miljoen euro op.
Voor opnames in het dagziekenhuis wordt geen persoonlijk aandeel aangerekend, hoewel ook gebruik wordt gemaakt van infrastructuur, personeel en logistieke ondersteuning. Dat is niet consequent, vindt de werkgroep, die voorstelt om bij dagopnames een remgeld van 10 euro te vragen – goed voor 11,5 miljoen euro. Het oncologisch dagziekenhuis en de forfaits chronische pijn zouden vrijgesteld worden.
De werkgroep is niet te vinden voor een verhoging van het remgeld bij de huisarts (goed voor 36 miljoen euro), wat te veel negatieve effecten zou hebben. Evenmin is de werkgroep te vinden voor een verhoging van het persoonlijk aandeel bij ziekenhuisopname met 10% (goed voor 13,5 miljoen euro).
'Geen schoonheidsprijs'
Vorig jaar hadden BVAS en Kartel nog voorgesteld om het remgeld te indexeren. En in oktober 2024 vroeg BVAS om het remgeld voor niet-VT’s met 1 euro te verhogen om de terugbetaling van de teleconsultaties veilig te stellen. Een verhoging van het remgeld bleek toen in beide gevallen onbespreekbaar.
Nu wordt een verhoging door de regering opgelegd. De Commissie GDOS neemt daarvan akte, en merkt fijntjes op: “we beschouwen deze beslissing als gegeven en bespreken de wenselijkheid ervan niet”. Het advies moet de verhoging van de remgelden “op de sociaal meest aanvaardbare wijze vormgeven".
Volgens dr. Stan Politis (BVAS) staan de artsen in deze discussie aan de zijlijn. “Er is nooit een voorstel geweest vanuit de medicomut, het Verzekeringscomité of de Algemene Raad van het RIZIV. Het is een bezuinigingsmaatregel waarvan de regering de omvang heeft bepaald, en ook de besteding ligt al vast: een deel voor administratie, een deel voor zorgpersoneel en een klein bedrag voor zeldzame ziekten.”
Ziekenfonds Solidaris vindt een verhoging van het remgeld alleen gerechtvaardigd "wanneer de patiënt een echte keuze heeft, bijvoorbeeld tussen een generiek en een merkmedicijn, of tussen een relevante en een overbodige behandeling. Anders levert remgeld geen efficiëntiewinst op en vormt het slechts een extra financiële drempel."
Politis sluit zich daarbij aan. “De voorgestelde verhoging van remgeld op klinische biologie en medische beeldvorming is volstrekt onlogisch. Als remgeld moet dienen om medische consumptie af te remmen, dan geldt dat toch alleen voor zaken waar de patiënt inspraak heeft? Nee, dit advies verdient geen schoonheidsprijs.”