Wetsvoorstel Les Engagés
"Laat adviserend arts beslissen over combinatie flexi-job met uitkering"
Wie arbeidsongeschikt is, mag een flexi-job enkel uitoefenen na voorafgaande, schriftelijke en met redenen omklede toestemming van de adviserend arts van de verzekeringsinstelling. Dit staat in een wetsvoorstel van Anne Pirson c.s. (Les Engagés).
Herman Nys, em. prof. medisch recht KU Leuven
Volksvertegenwoordigers Anne Pirson c.s. (Les Engagés) dienden bij de Kamer van Volksvertegenwoordigers een wetsvoorstel in ‘tot wijziging van de wet van 16 november 2015 houdende diverse bepalingen inzake sociale zaken, teneinde de cumulatie te regelen van een arbeidsongeschiktheidsuitkering met een in het raam van een flexi-job uitgeoefende activiteit’.
Flexi-jobs worden almaar belangrijker, zeggen de indieners. Toch stellen de indieners vast dat er geen precieze regels bestaan voor situaties waarin mensen die een dergelijke activiteit willen uitoefenen arbeidsongeschikt zijn.
Huidige regeling
De huidige regelgeving berust hoofdzakelijk op de inschatting van de adviserend arts, die bepaalt of de beoogde activiteit verenigbaar is met de gezondheidstoestand van de begunstigde. Dat systeem is onontbeerlijk, maar lijkt nu op zijn grenzen te stuiten.
Er ontbreken specifieke regels over: de aard van de activiteiten die geschikt zijn als flexi-job; het toegestane werkvolume; de controle- en monitoringvoorwaarden; en de verzoening tussen de logica van de flexi-job en die van de arbeidsongeschiktheid.
Verantwoordelijkheidszin en activering
Dit wetsvoorstel strekt ertoe een evenwichtige regeling in te stellen die is gebaseerd op een tweeledig vereiste. Enerzijds is het noodzakelijk te waarborgen dat het stelsel van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen niet wordt misbruikt. Anderzijds komt het erop aan re-integratietrajecten niet te belemmeren.
Voorgestelde regeling
In artikel 4 van de wet van 16 november 2015 houden de diverse bepalingen inzake sociale zaken, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 22 december 2023, wordt een paragraaf 1/1 ingevoegd, luidende:
§ 1/1. Begunstigden van een primaire-arbeidsonge- schiktheidsuitkering of een invaliditeitsuitkering zoals bepaald door de Koning, mogen slechts onder de volgende voorwaarden een activiteit in het kader van een flexi-job uitoefenen:
- 1° de activiteit is onderworpen aan de voorafgaande schriftelijke en met redenen omklede toelating van de adviserend arts van de verzekeringsinstelling;
- 2° voormelde adviserend arts beoordeelt de mate waarin de voorgenomen activiteit bestaanbaar is met de gezondheidstoestand van de begunstigde en houdt in het bijzonder rekening met het feit of de begunstigde gedurende de drie maanden voorafgaand aan het begin van de arbeidsongeschiktheid al dan niet een flexi-job heeft uitgeoefend, zonder dat dat element automatisch enige invloed heeft op de beoordeling van de bestaanbaarheid;
- 3° de uitgeoefende activiteit mag niet identiek of wezenlijk vergelijkbaar zijn met de activiteit die aanleiding heeft gegeven tot de erkenning van de arbeidsongeschiktheid, behoudens met redenen omklede beslissing van voormelde adviserend arts;
- 4° wanneer de begunstigde reeds een flexi-job uit oefende voor de arbeidsongeschiktheid, mag bij het voortzetten van die activiteit het gemiddelde aantal gewerkte uren in de drie maanden voorafgaand aan de arbeidsongeschiktheid niet worden overschreden, behoudens andersluidende met redenen omklede beslissing van voormelde adviserend arts;
- 5° wanneer de begunstigde geen flexi-job uitoefende voor de arbeidsongeschiktheid, kan de uitoefening van een dergelijke activiteit slechts via een met bijzondere redenen omklede beslissing van voormelde adviserend arts worden toegestaan;
- 6° van de activiteit wordt aangifte gedaan overeenkomstig de door de Koning vastgestelde nadere regels.