Wie eenzaam is, slikt meer antidepressiva
De Onafhankelijke Ziekenfondsen hebben vastgesteld dat de gezinssituatie een belangrijke rol speelt bij het gebruik van geestelijke gezondheidszorg. "Mensen zonder partner of kinderen raadplegen vaker een psychiater en gebruiken meer antidepressiva of antipsychotica."
Hoewel eenzaamheid subjectief is, "tonen de cijfers duidelijk een verband aan tussen een gebrek aan kwalitatieve sociale interactie en de ontwikkeling van psychische aandoeningen", legt Thomas Otte van OZ uit.

Artsenkrant: Uw onderzoek wijst op sterke correlaties tussen gezinssituatie en gebruik van geestelijke gezondheidszorg. Hoe onderscheidt u tussen oorzaak en gevolg bij de interpretatie van de resultaten?
Thomas Otte: Ons onderzoek toont geen causaal verband aan. Eerder onderzoek laat zien dat het effect in beide richtingen werkt. Alleenstaanden hebben vaker te maken met psychische problemen en gevoelens van eenzaamheid, en omgekeerd hebben mensen met psychische problemen minder vaak een relatie en kinderen, waardoor ze vatbaarder zijn voor eenzaamheid.
'Alleen' is niet hetzelfde als 'eenzaam'
Wanneer u spreekt over mensen "zonder partner" of "zonder kinderen", hoe zijn deze categorieën in de data gedefinieerd? Weerspiegelen ze de realiteit van sociale isolatie of eenzaamheid wel echt?
Wat betreft de aanwezigheid van kinderen, werden twee stabiele en strikt gedefinieerde situaties beschouwd. Ten eerste, mensen die gedurende de gehele observatieperiode (2017-2024) onafgebroken samenwoonden met ten minste één kind jonger dan 25 jaar. Deze categorie omvatte zowel mensen die op 1 januari 2017 al een kind hadden als mensen die in 2017 hun eerste kind kregen. Ten tweede, mensen die gedurende de gehele periode (2017-2024) nooit met een kind hebben samengewoond, ongeacht de leeftijd van een eventueel kind.
Wat betreft de gezinssamenstelling werden alleen personen beschouwd die gedurende de gehele observatieperiode een stabiele woonsituatie hadden, ongeacht eventuele veranderingen in partnerrelaties. Voor koppels hebben we personen meegenomen die tussen 1 januari 2017 en 31 december 2024 continu als koppel geregistreerd stonden in het rijksregister.
Natuurlijk is niet iedereen die alleen woont of geen kinderen heeft per se eenzaam of sociaal geïsoleerd. We hebben het altijd over gemiddelden.
De classificatie "koppel" was gebaseerd op de officiële woonplaats (met een echtgenoot, samenwonende partner, enz.). Alleenstaanden zijn degenen die gedurende de gehele observatieperiode als eenpersoonshuishouden geregistreerd stonden, met of zonder kinderen, volgens de gegevens van het Rijksregister
Natuurlijk is niet iedereen die alleen woont of geen kinderen heeft per se eenzaam of sociaal geïsoleerd. We hebben het altijd over gemiddelden. Onze cijfers laten echter een significant verschil zien in het gebruik van geestelijke gezondheidszorg tussen alleenstaanden/zonder kinderen en mensen die als stel samenwonen/met kinderen. Voor de cijfers met betrekking tot "eenzaamheid" maken we gebruik van gegevens van Statbel.

"We weten dat schizofrenie (waarvoor vaak antipsychotica worden voorgeschreven) vaker bij mannen dan bij vrouwen wordt vastgesteld."
Een van de meest opvallende resultaten betreft alleenstaande mannen zonder kinderen, die een significant hoger gebruik van antipsychotica vertonen. Hoe verklaart u dit verband, en wat zegt dit volgens u over de psychische kwetsbaarheid van mannen?
Dit resultaat moet met de nodige voorzichtigheid worden geïnterpreteerd. Zoals we al eerder hebben aangegeven, tonen onze resultaten slechts een correlatie aan, geen causaal verband. We weten echter dat schizofrenie (waarvoor vaak antipsychotische medicatie wordt voorgeschreven) vaker bij mannen dan bij vrouwen wordt vastgesteld.
De literatuur wijst er ook op dat ernstige psychische stoornissen het risico vergroten op het niet hebben van een partner en het niet krijgen van kinderen. Het belangrijkste is dat deze groep als kwetsbaar wordt erkend en de aandacht krijgt die ze verdient in het overheidsbeleid.
Alleenstaande vrouwen zonder kinderen lijken de groep te zijn die het vaakst antidepressiva gebruikt en psychiatrische consulten aanvraagt. Is dit een teken van groter psychisch lijden, of (ook) van een grotere neiging om hulp te zoeken?
Ook hier gaat het om een combinatie van factoren. Het blijkt dat vrouwen over het algemeen meer aandacht besteden aan hun mentale gezondheid en emoties, en ook eerder geneigd zijn hun symptomen te uiten en professionele hulp te zoeken. Dat wordt herhaaldelijk bevestigd door de gezondheidsonderzoeken van Sciensano, waaruit blijkt dat vrouwen vaker melding maken van psychische problemen en vaker gebruikmaken van gezondheidszorg dan mannen.
Tegelijkertijd belicht onze beleidsnota uit 2024 over vrouwen en arbeidsongeschiktheid structurele factoren die het risico op psychische problemen bij vrouwen vergroten, zoals het combineren van betaald werk met onbetaalde zorgtaken, een grotere blootstelling aan emotioneel veeleisend en minder autonoom werk, financiële onzekerheid en een onderbroken loopbaan.
Alleenstaande vrouwen zijn in dit opzicht nog kwetsbaarder dan vrouwen die samenwonen.
Drie prioriteiten in de geestelijke gezondheidszorg
U pleit ervoor om eenzaamheid tot een politieke prioriteit te maken. Wat zijn volgens u de drie meest effectieve en realistische maatregelen die in het toekomstige interfederale plan voor geestelijke gezondheidszorg, dat in 2026 van start gaat, moeten worden opgenomen?
Het interfederale plan moet allereerst verder kijken dan alleen gezondheidszorg en zich expliciet richten op gezondheidsbevordering en de preventie van psychische aandoeningen, waarbij alleenstaanden structureel worden opgenomen in de prioritaire doelgroepen.
Ten tweede is het belangrijk om het probleem van eenzaamheid aan te pakken, zowel door het publiek bewust te maken als door zorgverleners gericht op te leiden om eenzaamheid te herkennen en aan te pakken. Bovendien is het essentieel om te investeren in wetenschappelijk onderzoek om te bepalen welke interventies daadwerkelijk effectief zijn tegen eenzaamheid. Deze inspanningen moeten ook gepaard gaan met gezondheidseconomische evaluaties om duidelijk vast te stellen welke maatregelen kosteneffectief zijn en welke toegevoegde waarde ze voor ons zorgsysteem opleveren.
Tot slot bevelen wij aan om programma's te ontwikkelen (of bestaande initiatieven uit te breiden) die mensen, en met name alleenstaanden, aanmoedigen om deel te nemen aan sport, kunst, sociale activiteiten en vrijetijdsbesteding. Deze initiatieven zijn niet alleen gericht op het bevorderen van fysiek en mentaal welzijn, maar ook op het bestrijden van eenzaamheid en het versterken van sociale banden.
Lees hier het volledige rapport van de Onafhankelijke Ziekenfondsen.