Digitale zorg en medische ethiek
Waarom digitale zorg placebo’s nodig heeft
Digitale gezondheidsapps en AI-tools zijn niet meer weg te denken en vinden steeds sneller hun weg naar de klinische praktijk. De effectiviteit van deze tools wordt echter vaak onderzocht met methodologisch zwakke controles. Volgens bio-ethici is dat niet alleen een wetenschappelijk, maar ook een ethisch probleem.
Filip Ceulemans
Mobiele gezondheidsapps, digitale therapieën en AI-gestuurde chatbots worden steeds vaker ingezet in de zorg, van mentale ondersteuning tot chronische ziektebegeleiding. De snelheid waarmee deze digitale interventies worden ontwikkeld en toegepast, staat echter in schril contrast met de kwaliteit van het klinisch onderzoek dat hun werkzaamheid moet onderbouwen. Dat stellen Leo Druart en Charlotte Blease van de Uppsala University (Zweden) in een recent in JME Practical Bioethics verschenen analyse.
Volgens Druart en Blease ligt het kernprobleem bij de keuze van controlegroepen in klinische studies naar digitale zorg. Waar geneesmiddelenonderzoek gebruik maakt van duidelijke placebo’s, is dat bij niet-farmacologische interventies – zoals chirurgie, psychotherapie en nu ook digitale toepassingen – veel complexer. Toch wordt de afwezigheid van een geloofwaardig placebo in digitale trials te vaak afgedaan als een louter technisch detail.
Overschatting
Dat blijft niet zonder gevolgen. Zonder degelijke controle is het onmogelijk om het specifieke effect van een digitale interventie te onderscheiden van contextuele effecten zoals aandacht, verwachting, gebruiksgemak of het loutere verloop van de tijd. Het risico bestaat dat de werkzaamheid van digitale tools systematisch wordt overschat, terwijl mogelijke nadelen onder de radar blijven.
De auteurs benadrukken dat dit niet alleen de wetenschappelijke validiteit ondermijnt, maar ook fundamentele ethische principes raakt. Artsen en patiënten baseren beslissingen immers op de beschikbare evidentie. Als die evidentie vertekend is, komt ook geïnformeerde toestemming onder druk te staan. Patiënten kunnen moeilijk een weloverwogen keuze maken wanneer het verwachte voordeel van een interventie is opgeblazen door zwak onderzoek.
In de praktijk maken veel digitale trials gebruik van wachtlijstcontroles of ‘zorg zoals gebruikelijk’. Die aanpak meet hoogstens verandering ten opzichte van geen interventie, maar corrigeert niet voor placebo- en verwachtingseffecten. Vooral bij mentale gezondheidsapps en AI-chatbots kan dat tot misleidende conclusies leiden. Dagelijkse interactie, het gevoel gehoord te worden of het gevoel van 'behandeld worden', kan op zich al klachten verminderen.
Te snelle adoptie
De auteurs verwijzen naar recente discussies rond AI-chatbots voor mentale gezondheidszorg, waarbij trials met wachtlijstcontroles veel media-aandacht kregen. Volgens Druart en Blease dreigt hierdoor een te snelle klinische adoptie van tools waarvan het specifieke therapeutische effect onvoldoende is aangetoond.
Een bijkomend aandachtspunt is gezondheidsongelijkheid. Digitale interventies worden vaak voorgesteld als laagdrempelige oplossingen voor kwetsbare of moeilijk bereikbare groepen. Maar als hun effectiviteit overschat wordt, bestaat het risico dat ze volwaardige zorg vervangen in plaats van aanvullen. Dat kan bestaande ongelijkheden net verdiepen.
Sham app
De auteurs pleiten daarom voor een strengere en meer expliciete aanpak van placebo’s in digitale zorgstudies. Dat betekent niet dat elke digitale interventie een perfecte ‘sham app’ moet hebben, maar wel dat onderzoekers helder definiëren wat het actieve bestanddeel is en hun controle hier zo goed mogelijk op afstemmen. Voorbeelden zijn apps die dezelfde gebruiksduur en interface hebben, maar zonder therapeutische inhoud.
Ook ethische commissies, tijdschriften en regelgevers dragen volgens hen verantwoordelijkheid. Zij zouden vaker moeten vragen waarom voor een bepaalde controle is gekozen en of die toelaat betrouwbare conclusies te trekken. Transparantie over beperkingen is daarbij essentieel.
De boodschap van Druart en Blease duidelijk: digitale innovatie vraagt niet minder, maar net meer methodologische en ethische waakzaamheid. Technologie mag dan nieuw zijn, de kernprincipes van evidence-based geneeskunde blijven onverkort gelden. Zonder degelijke controles dreigt digitale zorg vooral overtuigend te lijken — zonder dat ze dat klinisch ook is.
Druart L, Blease C. Should digital health trials be placebo controlled?. JME Practical Bioethics. 2025;1:e000027. https://doi.org/10.1136/jmepb-2025-000027