Daghospitalisaties in de lift, ereloonsupplementen ook

Uit het jaarlijkse rapport van het Intermutualistisch Agentschap (IMA) over de kosten die een patiënt moet dragen bij een ziekenhuisopname distilleerde de algemene pers vooral dat het aandeel van de ereloonsupplementen stijgt. Het tweedelige rapport bevat echter ook andere gegevens.
Sinds 2017 publiceert het Intermutualistisch Agentschap (IMA) elk jaar een analyse van de aan de patiënten gefactureerde bedragen voor een ziekenhuisopname. In een apart rapport wordt daarbij gekeken naar de ereloonsupplementen die de patiënt voorgeschoteld krijgt. Het IMA begon met de rapporten te maken omdat blijkt dat een deel van de bevolking zorg uitstelt omwille van financiële redenen en wil zo evalueren in hoeverre het systeem van de verplichte ziekteverzekering bijdraagt aan de financiële toegankelijkheid in algemene ziekenhuizen.
De periode van 2018 tot 2023 wordt gekenmerkt door een toename van het aantal daghospitalisaties met 21,7%. Tussen 2022 en 2023 wordt zelfs een toename met 10,1% vastgesteld. In de periode van 2018 tot 2023 nam het aantal klassieke opnames af met 5,3%. Dat cijfer verdient echter wel een zekere nuance. In 2020 kende het aantal klassieke ziekenhuisopnames een logisch dieptepunt door de covid-19-pandemie. Sindsdien neemt het weer gestaag toe, tussen 2022 en 2023 bijvoorbeeld met 1%. Toch verwacht het IMA dat het aantal op lange termijn verder zal dalen. De meest opmerkelijke stijging doet zich voor bij de chirurgische dagopnames. Die namen tussen 2022 en 2023 toe met maar liefst 30,6%.
Bij een klassieke ziekenhuisopname in een meerpersoonskamer betaalde de patiënt in 2023 gemiddeld 321 euro
Meer dan 6.862 euro
Bij een klassieke ziekenhuisopname in een meerpersoonskamer betaalde de patiënt in 2023 gemiddeld 321 euro. Dat is 4,8% meer dan in 2022 (306 euro). Vijf procent van de patiënten in een twee- of meerpersoonskamer betalen meer dan 1.059 euro. In een eenpersoonskamer betaalde de patiënt in 2023 gemiddeld 2.619 euro, een toename met 7,9% in vergelijking met het jaar voordien (2.426 euro). Vijf procent van de patiënten op een eenpersoonskamer betaalt meer dan 6.862 euro voor het ziekenhuisverblijf.
De cijfers in daghospitalisatie liggen uiteraard een pak lager: 60 euro in een meerpersoonskamer, 826 euro in een eenpersoonskamer. Dat zijn stijgingen met respectievelijk 4,3% en 5,8% in vergelijking met 2022. Vijf procent van de patiënten die bij een daghospitalisatie niet opteren voor een eenpersoonskamer betalen toch nog meer dan 216 euro. Vijf procent van diegenen die daar wel voor opteren, betalen meer dan 2.174 euro.
'Goedkoop' en 'duur'
Het IMA-rapport focust dit jaar op vier ingrepen: bevalling via vaginale weg en plaatsing van een knieprothese met een klassieke ziekenhuisopname en de behandeling van het handwortelkanaal en besnijdenis via daghospitalisatie.
Een bevalling via vaginale weg kost in een meerpersoonskamer gemiddeld 183 euro, in een eenpersoonskamer 1.992 euro. Voor het plaatsen van een knieprothese is dat respectievelijk 886 euro en 4.100 euro. De verschillen tussen ziekenhuizen lopen erg uit elkaar, althans wanneer de patiënt kiest voor een eenpersoonskamer. In het 'goedkoopste' ziekenhuis betaalt een vrouw voor een vaginale bevalling iets meer dan 1.000 euro, in het 'duurste' ziekenhuis is dat bijna 3.500 euro. Ook voor het plaatsen van een knieprothese duiken er grote verschillen op: van ongeveer 2.500 euro tot meer dan 7.000 euro.
Bij de twee onderzochte ingrepen in daghospitalisatie valt op dat ongeveer de helft van de ziekenhuizen nooit ereloonsupplementen aanrekenen voor deze ingrepen. Doen ze dat toch dan variëren ze bij een ingreep aan het handwortelkanaal van 500 euro tot 1.100 euro, bij besnijdenis van net geen 300 euro tot 700 euro.
Transparantie
In 2023 betaalden de patiënten in totaal 700 miljoen euro aan ereloonsupplementen op vergoedbare medische erelonen. Dat is bijna de helft (46%) van de uitgaven ten laste van de patiënt (1,5 miljard euro).
In zijn aanbevelingen dringt het IMA aan op een verbetering van de informatie die de patiënt krijgt. "Er moet transparantie komen over de absolute bedragen die zullen worden aangerekend en die informatie moet worden verstrekt voor de opname", luidt het in het rapport. De financiële toegankelijkheid en tariefzekerheid moeten volgens het IMA worden bevorderd door een versterking van de bescherming tegen hoge facturen, met inbegrip van gevallen met complicaties. Het agentschap pleit voor een vaste prijs voor de patiënt voor bepaalde interventies. Ten slotte vindt het IMA dat er verbetering mogelijk is van de transparantie bij ambulante praktijken. Ambulante verstrekkingen en andere kosten buiten het ziekenhuisverblijf (polikliniek, spoeddiensten, enzovoort) voor de opname of na het ontslag worden niet meegerekend in de bedragen die het IMA voorstelt. Ook bijvoorbeeld de eventuele kost van een ziekenwagen is niet mee verrekend.
