WHO onderzoekt geestelijke gezondheid van Europese zorgmedewerkers

De Europese afdeling van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) is een EU-breed onderzoek naar de mentale gezondheid van zorgmedewerkers gestart. Het doel is om een beter inzicht te krijgen in de uitdagingen waarmee artsen en verpleegkundigen in hun werkomgeving worden geconfronteerd.
Het onderzoek maakt deel uit van het bredere partnerschap tussen de WHO en de EU om de geestelijke gezondheidsproblemen in Europa aan te pakken en gegevens te verzamelen over de omvang van burn-out en psychosociale risico's in de gezondheids- en zorgsector.
"Gezondheidssystemen komen steeds meer onder druk te staan en veel artsen en verpleegkundigen melden een slechte geestelijke gezondheid en slechte werkomstandigheden. Deze uitdagingen dragen bij aan burn-out, afwezigheid en uittreding van professionals", staat in een verklaring van de WHO te lezen.
Stress en angst
Sinds de Coronacrisis is de druk op de mentale gezondheid van zorgpersoneel verder toegenomen. "De pandemie heeft de druk op de gezondheidszorg alleen maar verhoogd, wat heeft geleid tot stress, burn-out en geweld tegen werknemers, van wie velen hun baan hebben opgezegd", aldus de WHO vorig jaar een verslag.
In een eerder gepubliceerd rapport van het Europese Agentschap voor Veiligheid en Gezondheid op het werk, gaf bijna de helft (44 procent) van de gezondheidswerkers in Europa aan last te hebben van acute stress en angst. "Het welzijn van artsen en verpleegkundigen is cruciaal voor de toekomst van gezondheidssystemen. Het beschermen van hun geestelijke gezondheid is niet alleen een morele verplichting; het is essentieel voor het behoud van een sterk, veerkrachtig personeelsbestand", aldus de WHO.