'Super dat het diabetesproject verder gaat'

"De collega's en de patiënten waren heel tevreden over het project en zetten het longitudinaal verder. Er komt nog steeds een verpleegkundige op de groepspraktijk, er zijn nog steeds prikmomenten en de secretaressen plannen die mensen nog steeds in. Dat is fijn."
Een jaar later is dokter Nina Karia, die meedingt naar de 'Prijs van de Jonge Huisarts powered by Artsenkrant', nog steeds zeer enthousiast over haar masterproef. Begrijpelijk, want hoewel ze nu zelf elders werkt, zet de groepspraktijk in Borgerhout het project diabeteszorg bij allochtone patiënten grotendeels verder.
76 mensen
Eerst de voorgeschiedenis. "Ik ging als scriptie voor een kwaliteitsverbeterend project omdat dat toelaat heel hands-on te werken. Zo kwam ik bij professor Lieve Peremans (UAntwerpen) als promotor terecht. Ze heeft daarin veel ervaring en heeft me heel goed begeleid", legt ze uit.
In een eerste fase brainstormde dokter Karia met collega's en secretariaatsmedewerkers over het onderwerp. "Al snel kwam daarbij diabetes als eerste onderwerp naar voor. De praktijk in Borgerhout is heel multicultureel, de populatie bestaat voor circa 90% uit allochtonen. Diabetes komt in die groep veel voor en vormt een gigantisch probleem. We wisten ook niet goed hoe het in goede banen te leiden."
Vervolgens bracht de jonge Antwerpse huisarts de problematiek in kaart. "Met 3.000 à 5.000 actieve GMD's ging het om een hele grote populatie. Daaruit trok ik een lijst op basis van volgende inclusiecriteria: HbA1c van 7,5 of meer, migratieachtergrond en leeftijd. Via mail werden 76 vooral Marokkaanse maar ook Turkse en Mongoolse mensen uitgenodigd voor een gesprek met de verpleegkundige. In de mail legden we het project uit en stond dat we hen goed wilden opvolgen. Het secretariaat werkte uiteraard mee en spoorde de mensen telefonisch aan om langs te komen."
Gratis verpleegkundige
Ongeveer halverwege het twee jaar durende project stelde de stad Antwerpen via de overeenkomst 'Zorgprotocollen integreren in de Huisartsenpraktijk' een jaar lang een verpleegkundige gratis ter beschikking van de praktijk. Nina Karia: "Dat was super voor de uitbouw van mijn project. De verpleegkundige dacht mee na, ging bij de mensen thuis en deed echt aan populatiemanagement. Per patiënt kon ze ook meer dan een half uur uittrekken om met kennis van zaken te praten over levensstijl, correcte inname van medicatie, enz. Als dokter heb je voor dergelijke conversaties soms toch onvoldoende tijd."
Nina Karia kreeg voortdurend feedback van collega's en patiënten over wat goed en minder goed ging. "Doordat het geen groot project is, konden we voortdurend aanpassingen doorvoeren", voegt ze eraan toe.
Cappuccinomodel
Uit de nametingen bleek dat de metabole controle en de follow-up van de groep verbeterd waren en dat meer mensen tijdig terugkwamen. "Dat was niet het allerbelangrijkste maar toch leuk om weten", aldus dokter Karia. "Vooral van belang is echter dat de collega's van de praktijk en de patiënten heel tevreden waren en het project hebben verdergezet."
Het kan ook andere artsen tot reflectie aanzetten, vindt ze. "De groepspraktijk in Borgerhout is monodisciplinair, heeft geen verpleegkundige in dienst en de huisartsen zijn zelfstandigen", aldus Karia. "Ik vraag me af of het geen interessante tussenstap is voor huisartsen om iemand, bijvoorbeeld voor bloedafnames, aan te werven. De samenleving evolueert zo sterk dat we wellicht niet anders kunnen dan van systeem veranderen. Natuurlijk hangt dat samen met de populatie. Maar voor preventie of om diabetes en andere chronische aandoeningen op te volgen, kan een cappuccinomodel zoals de New Deal zinvol zijn. Zowel voor patiënten als artsen. Zelf vind ik patiëntencontacten top en heel leuk. Maar ook de organisatorische rol, de manier waarop het systeem draait, boeit me. Misschien omdat mijn hele opleiding tijdens covid verliep. Mijn praktijkopleider was CRA, als haio werkte ik dus ook in woonzorgcentra. Daar komt dat sterk aan bod. Hoe pak je bijvoorbeeld een outbreak aan. Hoe manage je een massale personeelsuitval? In de opleiding krijg je daar weinig over."
Wetenschap
Op dit moment werkt Nina Karia in een monodisciplinaire groepspraktijk met vijf zelfstandige artsen in Antwerpen centrum. Het patiëntenbestand is zeer divers, multicultureel, met een mix van jongeren en ouderen.
"Ik vind het er heel fijn", zegt ze. "Natuurlijk weet ik niet wat de toekomst in petto heeft. Als arts verander je mee met je patiënten en dus zal ik als persoon ook nog wel veranderen. Zeker is dat ik graag met mensen werk. Maar ik deed het wetenschappelijke luik in de opleiding ook heel graag. En dat valt nu wel helemaal weg. Het is bovendien belangrijk om fris en up-to-date te blijven. Daarom wil ik een stukje van mijn week graag academisch-wetenschappelijk gaan invullen. Kwaliteitsverbeterende projecten zoals mijn scriptie interesseren me. Het kan evenwel ook gaan over het updaten of aanpassen van richtlijnen. Echt vernieuwend onderzoek mee opstarten, is evenzeer tof. Ik denk er nog over na."
Nina Karia. Optimalisatie van de opvolging van diabetes mellitus type II patiënten in een multiculturele huisartsenpraktijk te Borgerhout: een kwaliteitsverbeterend project. Promotor prof. Lieve Peremans.
Masterproef
Masterproef in het kort
In een multiculturele huisartsenpraktijk in Borgerhout wordt de opvolging van diabetes type 2 patiënten geoptimaliseerd. Er wordt onder andere een sociaal verpleegkundige ingeschakeld. We zien een verbetering van de kwaliteit van de geleverde zorg met een verbeterde metabole controle (gemiddelde HbA1c -0,6%) en stijging van de opvolgingsgraad.
Waarom is deze masterproef belangrijk?
Als zevende meest belangrijke doodsoorzaak wereldwijd, is diabetes een steeds groeiend gezondheidsprobleem met een enorme economische kost. Dit werk toont aan dat een multidisciplinaire aanpak in de eerste lijn met het inschakelen van een praktijkverpleegkundige, een grote meerwaarde biedt in het verbeteren van de kwaliteit van diabeteszorg.
Wat is er nieuw aan dit werk?
De lokalisatie van dit project is uniek met een voornamelijk allochtone patiëntenpopulatie (van Marokkaanse en Turkse afkomst), van wie een significant deel aan diabetes type 2 lijdt. Naast een hogere prevalentie, zien we ook een etnisch verschil in de harde eindpunten van de diabeteszorg, waarbij immigranten een slechtere outcome vertonen. Dit werk bouwt een uniform beleid uit om hen beter te bereiken, motiveren en begeleiden.
Waarom is het belangrijk dat andere (huis)artsen leren over dit onderzoek?
Er zijn vaak nog barrières voor het inschakelen van verpleegkundigen in de huisartsenpraktijk. Ik hoop dat dit werk overtuigend kan zijn voor huisartsen om de stap te zetten en verpleegkundigen te betrekken in hun praktijkwerking. Daarnaast bevat het project veel specifieke inzichten in het werken met (diabetes)patiënten van allochtone origine, met als doel een cultureel competent gezondheidszorgsysteem.

Rode Kruis-Vlaanderen
Naar jaarlijkse gewoonte organiseert Artsenkrant met medewerking van het Interuniversitair Centrum voor de Huisartsenopleiding (ICHO) en Domus Medica, en met de financiële steun van het Rode Kruis-Vlaanderen de 'Prijs van de Jonge Huisarts powered by Artsenkrant'.
In een eerste fase selecteerde het ICHO daarvoor vijf masterproeven huisartsgeneeskunde. Wij stellen de genomineerden in vijf opeenvolgende edities aan u voor. Met name op 20 april, 27 april, 4 mei, 11 mei en 18 mei.
Wie de winnaar wordt, bepaalt een vakjury - de verantwoordelijken voor de masterproeven aan elke universiteit - en u, beste lezer. Van 18 mei tot 8 juni hebben de lezers van Artsenkrant de gelegenheid hun stem uit te brengen via artsenkrant.com.
De 'Prijs van de Jonge Huisarts powered by Artsenkrant' is goed voor een geldbedrag van 5.000 euro geschonken door Rode Kruis-Vlaanderen. Elke laureaat ontvangt ook een gratis abonnement op Artsenkrant voor de duur van één jaar.