PremiumOncologie

Tivozanib geeft langere progressievrije overleving en betere tolerantie dan sorafenib

photo

In deze open label, gerandomiseerde, gecontroleerde trial werden patiënten met een gemetastaseerd niercelcarcinoom, die reeds eerder behandeld werden met een VEGFR-inhibitor, ofwel behandeld met tivozanib 1,5 mg per os eenmaal per dag (175 patiënten) ofwel met sorafenib 400 mg per os tweemaal per dag (175 patiënten).

Dr. Hubert Claes - 11 maart 2020

Na een mediane follow-up van 19 maanden (IQR 15·0-23·4) hadden 139 (79%) van de 175 patiënten in de tivozanibgroep en 161 (92%) van de 175 patiënten in de sorafenibgroep de behandeling onderbroken. De meest voorkomende reden voor stopzetten van de therapie was in beide groepen progressie van de aandoening. De mediane progressievrije overleving was significant langer met tivozanib (5,6 maanden, 95% CI 5,29-7,33) dan met sorafenib (3,9 maanden, 3,71-5,55; hazard ratio 0,73, 95% CI 0,56-0,94; p=0,016). Dit was zowel het geval na 1 jaar: 28% (95% CI 20-35) met tivozanib en 11% (5-17) met sorafenib, als na 2 jaar: 18% (11 -25) met tivozanib en 5% (1-9) met sorafenib.

De mediane algemene overleving bedroeg 16,4 maanden (95% CI 13,4- 22,2) met tivozanib en 19,7 maanden (15,0-24,2) met sorafenib (HR 0,99, 95% CI 0,76-1,29; log-rank p=0,95).

Behandelingsgerelateerde bijwerkingen werden waargenomen bij 146 (84%) patiënten onder tivozanib en 160 (94%) onder sorafenib. De meest frequente graad 3- of 4- behandelingsgerelateerde bijwerkingen waren hypertensie (35 [20%] van de 173 patiënten behandeld met tivozanib en 23 [14%] van de 170 patiënten behandeld met sorafenib).

Ernstige behandelingsgerelateerde bijwerkingen traden op bij 19 (11%) patiënten behandeld met tivozanib en 17 (10%) patiënten behandeld met sorafenib. Deze meest voorkomende ernstige behandelingsgerelateerde bijwerkingen waren vooral van gastro-intestinale aard. Overlijdens, te wijten aan de behandeling, werden niet waargenomen.

Het onderbreken van de behandeling omwille van bijwerkingen trad minder op in de groep met tivozumab dan in deze met sorafenib: 83 (48%) patiënten tegenover 107 (63%) patiënten. Ook het verminderen van de dosis omwille van bijwerkingen trad minder op in de groep met tivozumab dan in deze met sorafenib: 41 (24%) patiënten behandeld met tivozanib en 65 (38%) patiënten behandeld met sorafenib.

Rini, B.I., Pal, S.K., Escudier, B.J., et al: Tivozanib versus sorafenib in patients with advanced renal cell carcinoma (TIVO-3): a phase 3, multicentre, randomised, controlled, open-label study. Lancet Oncol 2020; 21: 95-104. Published Online December 3, 2019 . https://doi.org/10.1016/ S1470-2045(19)30735-1.

Wat heb je nodig

Krijg GRATIS toegang tot het artikel
of
Proef ons gratis!Word één maand gratis premium lid en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • digitale toegang tot de gedrukte magazines
  • digitale toegang tot Artsenkrant, De Apotheker en AK Hospitals
  • gevarieerd nieuwsaanbod met actualiteit, opinie, analyse, medisch nieuws & praktijk
  • dagelijkse newsletter met nieuws uit de medische sector
Heeft u al een abonnement? 

Meer weten over

Deel je (nieuws)verhaal

Heb je nieuws dat relevant is voor onze redactie? Deel het met ons via het meldformulier.

Nieuws melden
Print Magazine

Recente Editie
12 mei 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine