De leeftijd heeft er niets mee te maken
Meerdere studies hebben recentelijk een verband aangetoond tussen de inname van antipsychotica en het risico op pneumonie bij ouderen, vooral in het begin van de behandeling. Hoe zit dat bij jongere patiënten?
Pneumonie is een belangrijke oorzaak van morbiditeit en mortaliteit bij mensen van 65 jaar en ouder. Een Italiaanse groep heeft een meta-analyse uitgevoerd van observationele studies om na te gaan of antipsychotica van de eerste en de tweede generatie het risico op pneumonie verhogen bij ouderen en of dat ook zo is bij jongere patiënten. De onderzoekers hebben ook geprobeerd om het risico bij blootstelling aan de verschillende geneesmiddelen te evalueren.
Ze hebben hun meta-analyse uitgevoerd uitgaande van alle observationele cohortonderzoeken en casus-controleonderzoeken die patiënten die werden behandeld met antipsychotica, hebben vergeleken met mensen die geen antipsychotica innamen of die er vroeger hadden gekregen, zonder beperking qua geslacht, leeftijd of de psychiatrische diagnose.
Het risico op pneumonie was significant hoger bij de patiënten die antipsychotica van de eerste generatie (OR 1,68; 95% BI 1,39-2,04) of van de tweede generatie (OR 1,98; 95% BI 1,67-2,35) kregen. Dat risico werd teruggevonden in alle leeftijdsgroepen en was even hoog bij oudere als bij jongere patiënten.
De diagnose die had geleid tot het voorschrijven van een antipsychoticum, bleek geen invloed te hebben op het resultaat. De gegevens over het risico op pneumonie met de individuele geneesmiddelen zijn zeer beperkt. Het is dan ook onmogelijk om een hiërarchische classificatie op te stellen.