35% patiënten met hoogrisicoborstkanker krijgt geen radiotherapie
Een studie bij ongeveer 57.000 vrouwen leert dat ongeveer een derde van de patiënten met een plaatselijk gevorderde borstkanker die een mastectomie hebben ondergaan, na chirurgie geen radiotherapie krijgt, hoewel dat wordt aanbevolen.
De onderzoekers hebben de dossiers doorgenomen van de patiënten bij wie tussen 1998 en 2011 een borstkanker N2/N3 was gediagnosticeerd. De gemiddelde leeftijd was 58 jaar en de mediane follow-up 61 maanden. Bij 59% van de vrouwen was de diagnose gesteld in het kader van borstkankerscreening: 81% was blank, 96% van de vrouwen had een ziekteverzekering, 98% woonde in een stedelijk midden en 83% vertoonde geen comorbiditeit.
Ongeveer 82% van de vrouwen heeft chemotherapie gekregen, maar slechts 65% heeft na de mastectomie radiotherapie gekregen. Factoren die correleerden met radiotherapie, waren de tumorgraad (p = 0,03), chirurgie van de regionale lymfeklieren (p = 0,03), een heropname in het ziekenhuis binnen 30 dagen na chirurgie (p = 0,03), toediening van chemotherapie (p <0,01) en hormoontherapie (p < 0,01) en de sterfte na 30 dagen (p <0,01).
Sociaaleconomische factoren zoals het type huisvesting (p = 0,85), de geografische ligging van de woning (p = 0,27), de etnische origine (p = 0,12), de ziekteverzekering (p = 0,10), het inkomen (p = 0,43), het scholingsniveau (p = 0,86), de woonplaats (p = 0,83) en de comorbiditeit (p = 0,83) hadden daar daarentegen geen invloed op. Onafhankelijke voorspellers van toediening van radiotherapie na de mastectomie waren toediening na de chemotherapie (OR = 4,55; p <0,01), een nieuwe opname minder dan 30 dagen na de chirurgie (OR = 1,14; p = 0,01) en de overleving 30 dagen na de operatie (OR = 1,55; p = 0,04).