Steunkousen en obstructieve slaapapneu
Steunkousen verrichten zeker geen wonderen, maar alle beetjes kunnen helpen en bovendien veroorzaken ze geen bijwerkingen.
Het vocht dat zich overdag in de benen ophoopt, verplaatst zich 's nachts naar de halsstreek. Daardoor wordt de nuttige diameter van de farynx en de larynx kleiner, wat een rol zou kunnen spelen bij de pathogenese van obstructieve slaapapneu. Als je vochtophoping in de benen tegengaat zodat er 's nachts ook minder vocht zal verschuiven naar de hals, zou dat het aantal episoden van apneu kunnen verlagen. Logisch toch?
Een Canadese groep heeft daarom een interventionele, gerandomiseerde studie van twee weken met steunkousen uitgevoerd bij patiënten met een obstructief slaap-apneusyndroom (apneu-hypopneu-index ≥ 10). De patiënten die de steunkousen kregen (enkeldruk 20-30 mmHg) moesten die gedurende minstens 2 uur per dag dragen. Het primaire eindpunt was de apneu-hypopneu-index na twee weken.
22 van de patiënten die waren gerandomiseerd naar het dragen van steunkousen, en 23 van de patiënten die waren gerandomiseerd naar de controlegroep, hebben de studie afgewerkt. De apneu-hypopneu-index daalde in de groep met steunkousen (32,4 ± 20,0 tot 23,8 ± 15,5) en veranderde niet in de controlegroep (31,2 ± 25,0 tot 30,3 ± 23,8). Het verschil tussen de twee groepen was significant (p=0,042). Het vochtvolume in de benen verminderde 's nachts significant minder (p=0,028) en de doorgang van de bovenste luchtwegen was 's morgens significant groter (p=0,006) bij de patiënten die de steunkousen droegen.
De vorsers concludeerden dat er 's nachts minder vocht zal worden verplaatst van de benen naar de hals als je vochtretentie in de benen overdag tegengaat, en dat steunkousen dus interessant zouden kunnen zijn bij de behandeling van een obstructief slaap-apneusyndroom.