Prenatale blootstelling aan bepaalde ftalaten verlaagt mogelijk IQ van kinderen op schoolgaande leeftijd
Kinderen die als foetus worden blootgesteld aan hoge dosissen van twee ftalaten, chemische verbindingen die vaak worden gebruikt als weekmakers van tal van alledaagse consumptieartikelen, zouden op de leeftijd van 7 jaar gemiddeld een lager intelligentiequotiënt (IQ) hebben. Het gaat om dibutylftalaat (DnBP) en di-isobutylftalaat (DiBP).
Onderzoekers van de Columbia University volgden voor dit onderzoek 328 New Yorkse vrouwen uit de lagere inkomensklasse en hun kinderen. In het derde trimester van de zwangerschap bepaalden ze bij de moeders de urinaire concentratie van vier ftalaten (DnBP, DiBP, di-2-ethylhexylftalaat en di-ethylftalaat). Het IQ van de kinderen werd bepaald op de leeftijd van 7 jaar. De resultaten tonen aan dat het IQ van de kinderen die in utero werden blootgesteld aan de hoogste concentraties van DnBP en DiBP 6,6 tot 7,6 punten lager lag dan dat van de kinderen die werden blootgesteld aan de laagste concentraties van die twee ftalaten.
Volgens prof. Robin Whyatt kan een dergelijke daling belangrijke gevolgen hebben op de schoolresultaten en de beroepsmogelijkheden van de kinderen. Haar ongerustheid is wel degelijk terecht, want net zoals in Europa zijn bepaalde ftalaten in Amerika weliswaar verboden in speeltjes en andere babyartikelen, maar er wordt helemaal niets ondernomen tegen de bijna dagelijkse blootstelling van zwangere vrouwen, en ze worden ook helemaal niet gewaarschuwd voor dat risico.