Astma, apneu en amygdalae
Nog niet zo gek lang geleden werd vaak een resectie van amandelen en poliepen uitgevoerd om de frequentie van rinofaryngitis bij jonge kinderen te verlagen. Die vrij barbaarse ingreep is echter volledig in onbruik geraakt, wat echter nog niet wil zeggen dat ze helemaal niet interessant is.
Een grote Amerikaanse studie heeft inderdaad aangetoond dat die heelkundige ingreep het astma bij kinderen met slaapapneu beter onder controle brengt. De auteurs zijn tot die conclusie gekomen na analyse van de gegevens van 13.500 Amerikaanse kinderen van 3-17 jaar met astma die een adenotonsillectomie hadden ondergaan voor behandeling van een obstructief slaap-apneusyndroom, en een vergelijking van die resultaten met de gegevens van 27.000 astmapatiëntjes van dezelfde leeftijd en hetzelfde geslacht die op dezelfde plaats woonden bij wie de amygdalae en de poliepen niet waren verwijderd.
Bij de kinderen met astma die een adenotonsillectomie hadden ondergaan, was de frequentie van zeer ernstige exacerbaties (status asthmaticus) tijdens het eerste jaar na de operatie 38% lager dan tijdens het jaar voor de operatie (respectievelijk 349 en 562 gevallen). Bij de kinderen met een astma dat onder controle was en die niet werden geopereerd daalde de frequentie van zeer ernstige exacerbaties slechts met 7% (van 837 naar 778 gevallen).
Eenzelfde vaststelling wat het totale aantal exacerbaties betreft: daling met 30% bij de geopereerde kinderen (2.243 versus 1.566) en slechts met 2% bij de controlekinderen (3.403 versus 3.336). Het aantal ziekenhuisopnames en opnames op de spoedgevallendienst wegens astma daalden bij de geopereerde astmapatiëntjes met respectievelijk 36% en 26%. Ook werd na operatie een significante daling van enkele andere astmatische verschijnselen waargenomen zoals bronchospasme en wheezing. In de controlegroep veranderde de incidentie van die verschijnselen niet.
Een analyse van de geneesmiddelenvoorschriften wees ook op een verbetering van de astmatische verschijnselen.
Dit retrospectief cohortonderzoek vertoont een aantal beperkingen en levert geen direct bewijs van een oorzakelijk verband tussen beide, maar een conservatieve conclusie is toch dat detectie en behandeling van hypertrofische amandelen en vegetaties de controle van het astma bij kinderen en adolescenten duidelijk kan verbeteren.