Parkinson: getransplanteerde zenuwcellen functioneren nog na 14 jaar
Een Amerikaans-Canadese studie toont aan dat dopamine producerende zenuwcellen van foetussen die in de hersenen (thalamus) van patiënten met de ziekte van Parkinson werden getransplanteerd om op termijn het normale dopamineniveau te herstellen, gedurende lange tijd gezond blijven en goed functioneren.
De onderzoekers onderzochten post mortem het hersenweefsel van vijf patiënten die tussen de 4 en 14 jaar geleden een intracerebrale transplantatie met een suspensie van embryonale dopamineneuronen hadden gekregen.
Het resultaat: een sterke expressie van de neurotransmitter dopamine en geen morfologische afwijkingen van de mitochondriën in de ingeplante zenuwcellen tot 14 jaar na de transplantatie.
Deze gegevens weerleggen dus het idee dat transplantaten in de loop der tijd degenereren. Bovendien verbetert deze techniek de symptomen van patiënten en kan ze de behoefte aan L-dopa verminderen en zelfs doen verdwijnen. Een dopaminebehandeling in de vorm van een geneesmiddel zal dan niet langer nodig zijn. Dat is goed nieuws, want deze behandeling veroorzaakt vaak bijwerkingen, onder andere het tijdelijk opnieuw opduiken van ziekteverschijnselen.
Deze nieuwe aanpak werd echter slechts aan een beperkt aantal patiënten (een honderdtal) voorgesteld in het kader van klinische onderzoeken. De onderzoekers hopen nu vooruitgang te boeken met andere bronnen van dopamineproducerende zenuwcellen, meer bepaald met geïnduceerde pluripotente stamcellen (iPS-cellen) van patiënten.
(referentie: Cell, 6 juni 2014, DOI : 10.1016/j.celrep.2014.05.027)