Honderdjarigen sterven vaker aan longontsteking dan aan kanker
Terwijl we ons in de komende jaren aan een forse toename van het aantal personen van honderd jaar en ouder kunnen verwachten, boog een team van het King's College van Londen zich over de omstandigheden aan het levenseinde van Britse honderdjarigen.
De onderzoekers analyseerden 35.867 Engelse overlijdenscertificaten tussen 2001 en 2010. De personen in kwestie waren 100 jaar en ouder. 87% waren vrouwen, in 85% van de gevallen weduwen. Overlijdens ten gevolge van ongelukken of geweld werden uitgesloten. Deze groep werd vergeleken met personen die tussen hun 80e en 84e waren overleden.
Uit de analyse blijkt onder meer dat 28% van de overleden personen die de eerbiedwaardige leeftijd van 100 jaar hadden overschreden, bezweek van 'ouderdom' en 18% aan een longontsteking, tegenover respectievelijk 1% en 6% voor de personen van 80 tot 84 jaar. Precies het omgekeerde is waar voor kanker (4,4% vs. 24% voor de groep van 80 tot 84 jaar), cardiovasculaire aandoeningen (8,6% vs. 19%) en beroerten (9% vs. 17%). Honderdjarigen sterven ook minder vaak aan dementie, zoals de ziekte van Alzheimer, dan de twintig jaar jongere groep, en de meeste van hen sterven in het ziekenhuis, vooral in geval van longontsteking.
De auteurs van dit onderzoek besluiten dat honderdjarigen beter bestand zijn tegen welvaartsziekten, maar dat ze kwetsbaarder zijn voor infectieziekten zoals longontsteking.
(referentie: PLOS Medicine, 3 juni 2014, DOI: 10.1371/journal.pmed.1001653)