Zelfs in kleine hoeveelheden beïnvloedt cannabis de werking van de hersenen
Een Amerikaanse studie maakt brandhout van de stelling dat af en toe een jointje roken onschadelijk zou zijn. De vorsers hebben met verschillende beeldvormingstechnieken de hersenen onderzocht van 20 "recreatieve", dus niet-verslaafde gebruikers van 18-25 jaar die gemiddeld ongeveer 11 joints per week rookten. Ze hebben die resultaten vergeleken met die van 20 proefpersonen van dezelfde leeftijd en hetzelfde geslacht die geen cannabis rookten.
Zo hebben de vorsers duidelijke verschillen in de grootte, de vorm en het volume van de nucleus accumbens en de amygdala waargenomen tussen gebruikers en niet-gebruikers. Die twee hersenstructuren spelen een rol bij respectievelijk emoties en motivatie. De wetenschappers hebben vastgesteld dat de ernst van de afwijkingen van die twee hersenstructuren direct correleerde met het aantal gerookte joints. Die conclusie werpt een nieuw licht op de nefaste gevolgen (aandachts-, leer- en geheugenproblemen, afwijkend beoordelingsvermogen ...) van het gebruik van cannabis, zelfs bij matig of occasioneel gebruik.
Het betreft nog preliminaire gegevens. Langere studies bij een groter aantal cannabisgebruikers zijn wenselijk om na te gaan of die afwijkingen van de hersenen symptomen veroorzaken.