Verrassend partnership tussen tien farmareuzen en de NIH
Onder impuls van Francis Collins, directeur van de Amerikaanse National Institutes of Health (NIH) hebben tien grote farmaceutische bedrijven (de Amerikaanse bedrijven Merck, Pfizer, Bristol-Myers Squibb, AbbVie, Biogen Idec en Johnson & Johnson, en Eli Lilly, het Britse GlaxoSmithKline, het Japanse Takeda en het Franse Sanofi) besloten met de NIH en een aantal stichtingen samen te werken voor de ontwikkeling van nieuwe behandelingen tegen diabetes en de ziekte van Alzheimer, alsook van bepaalde immunologische aandoeningen zoals reumatoïde artritis en lupus.
Ook al is dergelijke samenwerking tussen de private en openbare sector niet helemaal nieuw, toch is de omvang van dit pas aangegane verbond verrassend, evenals het feit dat het wel erg grote concurrenten verenigt. Niettemin valt de afwezigheid op van Amgen, Roche en AstraZeneca.
Het bedrag van het samenwerkingsverband, 230 miljoen dollar over vijf jaar, mag dan belachelijk laag lijken in vergelijking met de 135 miljard dollar die de farmaceutische industrie wereldwijd elk jaar in R&D investeert, toch zijn de modaliteiten en de doelstelling ervan bijzonder interessant en veelbelovend, vooral voor de patiënten.
De ondertekenaars hebben er namelijk mee ingestemd hun beste wetenschappers en hun databanken samen te brengen om belangrijke biomarkers te identificeren waarmee innovatieve behandelingen kunnen worden ontwikkeld.
"Indien we de complexe puzzel van deze ziekten willen oplossen en werkelijk doeltreffende geneesmiddelen willen produceren, moeten we de krachten bundelen", zei dr. Elias Zerhouni, hoofd R&D bij Sanofi.
(referentie: The Wall Street Journal, 3 februari 2014)