Borstkanker: peroperatieve radiotherapie minder goed dan externe radiotherapie
Bij peroperatieve radiotherapie met elektronen kan je in één enkele sessie tijdens de operatie een even hoge dosis toedienen als met klassieke postoperatieve radiotherapie. Maar de lokale en regionale controle van de ziekte blijkt toch niet zo goed te zijn.
In totaal 1.305 vrouwen van 48-75 jaar met een borstkanker in een vroeg stadium met een maximale diameter ≤ 2,5 cm die in aanmerking kwamen voor conservatieve borstchirurgie, werden tussen november 2000 en december 2007 gerandomiseerd naar peroperatieve radiotherapie (n = 651) of externe radiotherapie (n = 654). Na een mediane follow-up van 5,8 jaar hebben 35 patiënten in de groep die peroperatieve radiotherapie had gekregen, en 4 patiënten in de groep die externe radiotherapie had gekregen, een tumorrecidief ontwikkeld in de homolaterale borst, na 5 jaar dus respectievelijk 4,4% en 0,4% (hazard ratio = 9,3, p < 0,0001). De patiënten die peroperatieve radiotherapie hadden gekregen, vertoonden ook meer okselkliermetastasen en lokale en regionale recidieven na 5 jaar.